Productzuivering
Publiek
Woorden in deze lijst (23)
Origineel
- Bezinken
- Scheidingsmethode gebaseerd op het verschil in dichtheid, waarbij de stoffen met de hoogste dichtheid door de zwaartekracht naar beneden zakken.
- Centrifugeren
- Scheidingsmethode waarbij een sneldraaiende beweging wordt uitgevoerd om stoffen op basis van verschil in dichtheid te scheiden.
- Filtreren
- Scheidingsmethode waarbij gebruik wordt gemaakt van het verschil in deeltjesgrootte om onopgeloste vaste stofdeeltjes uit een vloeistof of gas te halen.
- Poriën
- De zeer kleine gaatjes in een filter waar vloeistoffen en gassen doorheen kunnen gaan.
- Residu
- De vaste stof die achterblijft in een filter na filtratie of in een kolf na destillatie.
- Filtraat
- De vloeistof of het gas die het filter passeert tijdens een filtratieproces.
- Extraheren
- Scheidingsmethode die berust op het verschil in oplosbaarheid van stoffen in een bepaald oplosmiddel.
- Extractiemiddel
- Het oplosmiddel dat wordt gebruikt om bij een extractie een specifieke stof uit een mengsel op te lossen.
- Adsorberen
- Scheidingsmethode die gebruikmaakt van het verschil in aanhechtingsvermogen van stoffen aan een adsorptiemiddel.
- Adsorptiemiddel
- Een vaste stof waaraan andere stoffen zich specifiek kunnen hechten tijdens een adsorptieproces.
- Actieve kool
- Een veelgebruikt adsorptiemiddel van koolstof met een zeer groot inwendig contactoppervlak.
- Wassen
- Een scheidingsmethode voor gasmengsels waarbij gassen worden gescheiden op basis van het verschil in oplosbaarheid in een vloeibaar oplosmiddel.
- Indampen
- Scheidingsmethode gebaseerd op een groot verschil in kookpunt, gebruikt om vaste opgeloste bestanddelen uit een vloeibaar mengsel te winnen door het oplosmiddel te verdampen.
- Destilleren
- Scheidingsmethode die berust op een verschil in kookpunt, waarbij een mengsel wordt verhit en de verdampte vloeistof weer wordt afgekoeld en opgevangen.
- Destillaat
- De vloeistof met het laagste kookpunt die tijdens een destillatie als eerste verdampt en vervolgens wordt opgevangen.
- Chromatografie
- Scheidings- en identificatiemethode die berust op het verschil in aanhechtingsvermogen aan het dragermateriaal en het verschil in oplosbaarheid in de loopvloeistof.
- Identificatie
- Het vaststellen van de aanwezigheid en identiteit van bepaalde stoffen in een mengsel.
- Dragermateriaal
- Het vaste materiaal in een chromatografieopstelling waarop de te onderzoeken stoffen worden aangebracht.
- Loopvloeistof
- De vloeistof die in een chromatografieopstelling over het dragermateriaal heen beweegt.
- Capillaire werking
- Het verschijnsel waardoor de loopvloeistof bij chromatografie tegen de zwaartekracht in omhoog beweegt langs het dragermateriaal.
- Chromatogram
- Het eindresultaat van een chromatografie-experiment, waaruit de samenstelling van het mengsel kan worden afgeleid.
- Referentiestoffen
- Bekende stoffen die bij chromatografie worden gebruikt om door vergelijking de bestanddelen van een onbekend mengsel te identificeren.
- Reagens
- Een stof die een selectieve, waarneembare reactie aangaat met een andere stof om de aanwezigheid daarvan aan te tonen.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–