Katern 8 Goede tijden, slechte tijden - 4/5/6 vwo (7e editie) - 1.3 De centrale bank
Publiek
Woorden in deze lijst (11)
Origineel
- prijsstabiliteit
- Prijzen moeten niet te snel stijgen of dalen.
- monetair beleid
- Beleid van de centrale bank gericht op prijsstabiliteit of wisselkoers.
- duaal mandaat
- Naast het reguleren van prijsstabiliteit heeft een centrale bank soms ook de taak om de economische groei te stimuleren.
- geldscheppende instellingen
- Instellingen die ervoor kunnen zorgen dat de geldhoeveelheid stijgt: de centrale bank, private geldscheppende instellingen (banken) en de Rijksoverheid.
- geldschepping
- Stijging van de geldhoeveelheid. Dit kan plaatsvinden door kredietverlening en transformatie.
- geldvernietiging
- Een daling van de geldhoeveelheid.
- refirente
- Rente die de banken betalen aan de centrale bank wanneer ze geld opnemen.
- zero lower bound
- Een situatie waarbij de centrale bank de rente niet verder kan verlagen om de economie te stimuleren.
- kwantitatieve verruiming
- De centrale bank koopt op grote schaal obligaties en ander schuldpapier op waarmee ze geld in de economie pompen.
- bankrun
- Veel consumenten en bedrijven willen tegelijkertijd hun geld opnemen waardoor een bank in acute betalingsproblemen komt.
- depositogarantiestelsel
- Als een bank failliet gaat, staan andere banken garant voor de tegoeden van klanten van de bank tot € 100.000.