Woordenlijst D + F Duits - Nederlands
Publiek
Woorden in deze lijst (24)
Origineel
- bar bezahlen
- contant betalen
- mit Karte zahlen
- pinnen
- Es kostet ...
- Het kost ...
- riechen
- ruiken
- schmecken
- smaken
- kosten
- proeven
- probieren
- proberen
- benutzen
- gebruiken
- zubereiten
- klaarmaken
- erklären
- uitleggen
- neu
- nieuw
- zusammen
- samen
- in der Nähe
- in de buurt
- der Supermarkt
- de supermarkt
- der Kunde
- de klant
- der Verkäufer
- de verkoper
- der Laden
- de winkel
- die Verkäuferin
- de verkoopster
- das Geld
- het geld
- das Eis
- het ijs
- das Erdbeereis
- het aardbeienijs
- das Kaufhaus
- het warenhuis
- die Nachbarn
- de buren
- die Zutaten
- de ingrediënten