1. Water
Publiek
Woorden in deze lijst (93)
Origineel
- afstromen
- Water dat over het land stroomt, van hoog naar laag.
- aquifer
- Ondergrondse watervoorrad die uit fossiel water bestaat.
- Aswandamproject
- De hoge en lage stuwdam in de Nijl in Egypte, bij de stad Aswan.
- bemaling
- Met een pomp of gemaal een gebied droog houden.
- benedenloop
- Laagste deel van een rivier, in de richting van de riviermonding.
- beregening
- Irrigatiemethode waarbij de gewassen worden besproeid met sproei-installaties.
- bevriezen
- Overgaan van vloeibare toestand van water (water) naar vaste toestand (ijs), bij een temperatuur onder 0°C.
- bodemerosie
- Verdwijnen van de bovenste laag van de bodem door water of wind, bijvoorbeeld door ontbossing.
- boezem
- Waterweg, bijvoorbeeld een kanaal of rivier, die overtollig water vanuit een polder naar zee transporteert.
- bovenloop
- Hoogste deel van de rivier, in de richting van de bron.
- brak water
- Water dat half zoet en half zout is.
- bron
- Plek waar water uit de grond aan de oppervlakte komt.
- condenseren
- Overgaan van gasvormige toestand van water (waterdamp) naar vloeibare toestand van water (water).
- debiet
- Hoeveelheid water die een rivier per seconde afvoert.
- dijkverhoging
- Een dijk versterken door hem hoger en breder te maken.
- dijkverlegging
- Een rivier meer ruimte geven door de uiterwaard te verbreden.
- doorlaatbaarheid
- Mate waarin water de mogelijkheid heeft om in de ondergrond te zakken.
- draineren
- Afvoeren van overtollig (grond)water met behulp van een buizensysteem.
- drinkwater
- Water dat geschikt (gemaakt) is om te drinken.
- drinkwaterwinning
- Verzamelen van zoet water om er drinkwater van te maken.
- druppelirrigatie
- Irrigatiemethode waarbij planten via een buizenstelsel water direct bij de wortels krijgen.
- filterende werking
- Eigenschap van een grondsoort om water te zuiveren.
- fossiel water
- Water dat al eeuwen in de grond zit opgeslagen.
- gemengde rivier
- Rivier die zowel uit smeltwater als uit regen- en grondwater bestaat.
- getijde
- Dagelijkse stijging of daling van de zeespiegel (eb en vloed).
- gletsjerrivier
- Rivier die wordt gevoed door het smeltwater van een gletsjer.
- grijs water
- Afvalwater dat opnieuw gebruikt kan worden om mee te wassen, het toilet door te spoelen of de tuin te sproeien.
- grondsoort
- Materiaal waaruit de bodem bestaat, zoals zand of klei.
- grondwater
- Water dat zich in de grond bevindt.
- hoogteligging
- Ligging van een plaats ten opzichte van het zeeniveau.
- industrieel watergebruik
- Gebruik van water door en in de industrie.
- infiltreren
- Wegzakken van water in de bodem.
- irrigatie
- Kunstmatig nathouden of natmaken van akkers en gewassen.
- kanaal
- Door mensen gegraven waterweg.
- koelwater
- Water dat in de industrie wordt gebruikt om te koelen.
- komgrond
- Bodem die is ontstaan door sedimentatie van lichte kleideeltjes door een rivier.
- korte waterkringloop
- Water dat verdampt uit de zee en als neerslag direct terug in de zee valt.
- krib
- Stenen muur in een rivier die ervoor zorgt dat het water aan de zijkanten niet te snel stroomt en zo veel sedimentatie kan afzetten.
- kringloop van het water
- Weg die het water door de natuur terug naar de zee aflegt nadat het uit zee is verdampt.
- lange waterkringloop
- Water dat verdampt uit de zee, als neerslag boven land valt en uiteindelijk weer in zee terechtkomt.
- middenloop
- Het middelste gedeelte van een rivier.
- modderstroom
- Modder die van een helling stroomt door bodemerosie, ontbossing of aardverschuivingen.
- NAP
- Normaal Amsterdams Peil, niveau dat ongeveer gelijk is aan zeeniveau.
- Nationaal Deltaprogramma
- Het Nationaal Deltaprogramma zorgt ervoor dat Nederland bestand is tegen de gevolgen van klimaatverandering.
- nevengeul
- Kanaal naast een rivier, dat bij een hoge waterstand een deel van het water veilig kan afvoeren.
- oase
- Vruchtbaar gebied in de woestijn.
- oeverwal
- Verhoging in het landschap langs de rivier, ontstaan door sedimentatie van zandkorrels.
- ontbossing
- Op grote schaal kappen van bomen.
- ontzilting
- Techniek waarbij zout water wordt ontdaan van zout zodat zoet drinkwater ontstaat.
- oppervlakte-irrigatie
- Irrigatiemethode waarbij akkers onder water worden gezet.
- oppervlaktewater
- Water dat zichtbaar is aan het oppervlak, zoals water in rivieren, meren en zeeën.
- overloopgebied
- Aangewezen dunbevolkt gebied dat mag overstromen bij extreem hoge waterstanden.
- polder
- Door dijken omringd gebied waar de waterstand kunstmatig kan worden geregeld.
- proceswater
- Water dat in de industrie wordt gebruikt om een product te kunnen maken.
- regenrivier
- Rivier die wordt gevoed door grond- en regenwater.
- regenwater
- Water dat afkomstig is uit regen.
- regiem
- De verdeling van de hoeveelheid water die gedurende het jaar door een rivier stroomt.
- reliëf
- Hoogteverschillen in het landschap.
- Rijkswaterstaat
- Overheidsinstantie die verantwoordelijk is voor het beheer van de grote wateren, zoals de zee en de grote rivieren.
- rivierdelta
- Stelstel van vertakkingen van een rivier, voordat hij uitmondt in de zee.
- rivierenlandschap
- Deel van Nederland dat in de buurt van rivieren ligt en daar sterk door beïnvloed wordt.
- riviermonding
- Plek waar een rivier in zee stroomt.
- sedimentatie
- Neerleggen van verweringsmateriaal, zoals zand, kleideeltjes of steentjes, wanneer de stroomsnelheid van het water afneemt.
- sluis
- Systeem om de waterafvoer van een rivier mee te beheersen.
- smelten
- Overgaan van vaste toestand van water (ijs) naar vloeibare toestand van water (water).
- smeltwater
- Het water dat aan het uiteinde van een gletsjer smelt en een waterstroom vormt.
- spaarbekken
- Groot meer waarin zoet water wordt opgeslagen om later te gebruiken.
- stroomgebied
- Gebied dat zijn water afvoert via één hoofdrivier met zijn zijrivieren.
- stroomstelsel
- Geheel aan rivieren binnen een stroomgebied.
- stuwdam
- Dam die water voor langere tijd tegenhoudt.
- stuwmeer
- Meer dat zich vormt voor een stuwdam in een rivier.
- Suezkanaal
- Kanaal in Egypte dat de Middellandse Zee verbindt met de Rode Zee, waarmee het een belangrijke doorgang is voor schepen tussen Europa en Azië.
- uiterwaard
- Strook land langs een rivier tussen de bedding en de winterdijk, die bij een hoge waterstand onderloopt.
- uiterwaardafgraving
- Dieper maken van de uiterwaard.
- verdampen
- Overgaan van vloeibare toestand van water (water) naar gasvormige toestand van water (waterdamp).
- verdroging
- Droger worden van een gebied door daling van het grondwaterpeil. Dit gebeurt door een verandering in klimaat, watertoevoer of vegetatie.
- vervuiling
- Verontreiniging van het milieu door schadelijke stoffen.
- verzilting
- Toename van het zoutgehalte van het grondwater.
- wadi
- Rivier die zo nu en dan droogvalt.
- waterbeheer
- Ervoor zorgen dat de waterkwaliteit en de waterkwantiteit op orde zijn, zodat mensen veilig kunnen wonen en voldoende toegang hebben tot drinkwater.
- waterbouwkundig project
- Project dat de stroming van de rivieren ingrijpend verandert, met als doel extra water beschikbaar maken voor irrigatie en drinkwater en het opwekken van stroom.
- waterconflict
- Ruzie tussen verschillende landen over de verdeling van het aanwezige zoete water.
- waterkwaliteit
- Samenstelling van het water.
- waterkwantiteit
- De hoeveelheid water.
- waterproblematiek
- Gevolgen van watertekorten en wateroverschotten.
- waterput
- Door de mens gegraven toegang tot grondwater.
- waterschap
- Instantie die zorgt voor het onderhoud van dijken, sloten en gemalen.
- waterscheiding
- Grens tussen twee stroomgebieden.
- waterwingebied
- Plek waar water wordt gewonnen voor de productie van drinkwater.
- winterdijk
- Dijk die bij hoge waterstand het rivierwater moet tegenhouden.
- zeewering
- Stevige dijken die het land tegen de zee beschermen op plaatsen waar geen duinen zijn.
- zoetwaterzak
- Zoet water dat onder de duinen, boven het zoute water te vinden is.
- zomerdijk
- Dijk die bij een lage waterstand het rivierwater moet tegenhouden.