8.1 Vocabulary
Publiek
Woorden in deze lijst (58)
Origineel
- arson
- brandstichting
- arsonist
- brandstichter
- be arrested
- gearresteerd worden
- be charged with a crime
- beschuldigd worden van een misdaad
- be found guilty
- schuldig worden bevonden
- be found not guilty
- niet schuldig worden bevonden
- be released
- vrijgelaten worden
- be sentenced
- veroordeeld worden
- burglar
- inbreker
- burglary
- inbraak
- burgle a house
- in een huis inbreken
- case
- zaak
- charge
- beschuldigen
- collect evidence
- bewijs verzamelen
- commit a crime
- een misdaad begaan
- criminal
- crimineel
- deal drugs
- drugs dealen
- detective
- detective
- drug dealer
- drugsdealer
- drug dealing
- drugs verhandelen /
dealen - elections
- verkiezingen
- evidence
- bewijs
- go to court
- naar de rechtbank gaan
- government
- regering
- head of government
- regeringshoofd
- innocent
- onschuldig
- interview victims/
witnesses - slachtoffers /
getuigen horen - investigate
- onderzoeken
- judge
- rechter
- kill
- doden
- mug
- beroven
- mugger
- overvaller
- mugging
- overvallen
- murder
- moord
- murderer
- moordenaar
- piracy
- piraterij
- pirate
- piraat
- pirate software
- piratensoftware
- report a crime
- een misdrijf melden
- rob sb/
a place - iemand /
een plaats beroven - robber
- rover
- robbery
- diefstal
- set fire to
- brand stichten /
in brand steken - shoplift
- winkeldiefstal
- shoplifter
- winkeldief
- shoplifting
- winkeldiefstal
- steal
- stelen
- suspect
- verdachte
- the accused
- de beschuldigde
- theft
- diefstal
- thief
- dief
- trial
- rechtzaak /
proces - unemployment
- werkloosheid
- vandal
- vandaal
- vandalise
- vernielen /
vandaliseren - vandalism
- vandalisme
- victim
- slachtoffer
- witness
- getuige