2. Steden
Publiek
Woorden in deze lijst (41)
Origineel
- bebouwingsdichtheid
- het aantal woningen per hectare (100×100 meter)
- hoofdstad
- stad waar meestal de regering van een land gevestigd is
- megastad
- stad met meer dan tien miljoen inwoners
- primate city
- stad die veel groter en belangrijker is dan de tweede stad in een land
- relatieve ligging
- hoe een plaats ligt ten opzichte van andere plaatsen
- stedelijk netwerk
- meerdere grote steden die goede onderlinge relaties hebben, doordat ze bijvoorbeeld goed met elkaar verbonden zijn door wegen en spoorlijnen
- urbanisatie
- steden groeien door de trek van mensen naar de stad
- verstedelijkingsgraad
- percentage mensen van een land dat in steden woont
- verstedelijkingstempo
- percentage waarmee de bevolking in steden jaarlijks toeneemt
- wereldstad
- stad met veel inwoners én veel economische en culturele invloed in de wereld
- Central Business District (CBD)
- deel van een stad nabij het centrum met kantoren, winkels en uitgaansgelegenheden
- gentrificatie
- proces waarbij een gunstig gelegen wijk ineens veel rijkere inwoners aantrekt; dit kan door sloop en nieuwbouw, of door het opknappen van oudere gebouwen
- infrastructuur
- alle voorzieningen waardoor een stad goed kan werken, zoals straten, leidingen en riolering
- openbare ruimte
- de gemeenschappelijke(publieke)ruimte
- ruimtelijke ordening
- de wetten en regels die gelden bij het gebruik van de ruimte
- stadsplanning
- een van tevoren bedacht plan voor de inrichting van de stad met regels en wetten over waar je mag bouwen
- suburbanisatie
- mensen vertrekken uit de stad naar plaatsen rondom de stad
- suburb
- tot woonstad uitgeloofde plaats rond de stad met vooral laagbouw
- zelfbouwwijk
- wijk met huizen die zelfgebouwd zijn, vaak van slechte bouwmaterialen en zonder waterleiding, riolering of elektriciteit
- citymarketing
- alles wat gedaan wordt om een stad of regio aantrekkelijk te maken voor bijvoorbeeld toeristen of bedrijven om naar deze stad te trekken
- gebiedskenmerken
- eigenschappen van een gebied zoals gebergten, rivieren of de aanwezigheid van grondstoffen
- verzorgingsgebied
- gebied dat door één plaats wordt voorzien van goederen en diensten
- agglomeratie
- aaneengesloten stedelijke bebouwing die zich over meer dan één gemeente uitstrekt
- Groene Hart
- het gebied midden in de Randstad met weilanden en natuur
- landelijk gebied
- gebied waar de bevolkingsdichtheid laag is, de bevolking vaak in de primaire sector werkt en weinig voorzieningen heeft
- stedelijk gebied
- gebied waarbinnen een aantal steden ligt dat goed met elkaar verbonden is
- voorzieningenniveau
- het aantal en de kwaliteit van de dienstverlening
- 19e-eeuwse wijk
- wijk van rond 1900 met hoge woningdichtheid, goedkope woningen en weinig groen
- binnenstad
- centrum van de stad nauwe straatjes met winkels en cafeetjes, en soms grachten
- duurzame stad
- stad die energieneutraal en circulair is en afval hergebruikt, zodat toekomstige generaties er goed kunnen blijven leven
- groeikern
- door de Nederlandse overheid aangewezen plaats voor suburbanisatie
- herstructurering
- het vervangen van slechte woningen en gebouwen door nieuwe, duurdere huizen en meer parken
- inbreiding
- het bouwen binnen bestaande bebouwing
- leefbaarheid
- manier om te beschrijven of het in een wijk veilig en prettig om te wonen is
- omgevingsplan
- plan waarin staat hoe de ruimte in een gemeente wordt gebruikt en welke regels er zijn
- opbouw van een stad
- manier waarop een stad in wijken is verdeeld
- renovatie
- het opknappen van huizen en gebouwen door isolatie, centrale verwarming en beter sanitair
- sociale woningbouw
- de bouw van goede woningen voor mensen met een lager inkomen
- verduurzaming
- zuiniger omspringen met energie en grondstoffen hergebruiken
- Vinex-wijk
- wijk gebouwd vanaf 1990 in en vlak bij een stad voor welvarende en minder welvarende mensen
- woningnood
- tekort aan huizen