VIVO - 2 vwo - hoofdstuk 8 - Voedingsmiddelen en voedingsstoffen
Publiek
Woorden in deze lijst (15)
Origineel
- beschermstof
- voedingsstof die helpt om je lichaam gezond te houden en die nodig is om bepaalde lichaamsprocessen te ondersteunen
- bouwstof
- voedingsstof die je lichaam gebruikt om nieuwe cellen te maken of kapotte cellen te herstellen
- brandstof
- voedingsstof die je lichaam gebruikt om energie uit te halen
- eiwit
- één van de zes voedingsstoffen. Dierlijke producten, peulvruchten en noten bevatten veel eiwit.
- kilojoule (kJ)
- 1000 joule. De eenheid van energie is joule (J).
- koolhydraat
- één van de zes voedingsstoffen. Koolhydraten komen veel voor in aardappels, brood en graan.
- mineraal
- één van de zes voedingsstoffen. Voorbeelden zijn: calcium, kalium, natrium en fosfor.
- reservestof
- voedingsstof die je lichaam niet meteen gebruikt, maar als voorraad opslaat
- verteringsstelsel
- alle organen in je lichaam die samenwerken om voedingsstoffen uit voedingsmiddelen te halen
- vet
- één van de zes voedingsstoffen. Vet zit vooral in olie, boter, vlees, vis en noten.
- vezel
- bestanddeel in plantaardig voedsel dat je lichaam niet verteert
- vitamine
- één van de zes voedingsstoffen. Voorbeelden zijn: vitamine A, vitamine B12 en vitamine K.
- voedingsmiddel
- iets wat je eet of drinkt
- voedingsstof
- stof in een voedingsmiddel die je lichaam gebruikt als brandstof, bouwstof, beschermstof of reservestof
- water
- één van de zes voedingsstoffen. Je lichaam bestaat voor een groot gedeelte uit water.