Begrippenlijst Hoofdstuk 10: Elektrische en magnetische velden
Publiek
Woorden in deze lijst (14)
Origineel
- Elektroscoop
- Toestel waarmee de aanwezigheid van lading op een voorwerp wordt aangetoond.
- Elektrisch veld
- Ruimte waarin een geladen deeltje een elektrische kracht ondervindt.
- Veldlijnen
- Denkbeeldige lijnen waarmee een beeld wordt verkregen van de richting en de grootte van de elektrische veldsterkte of magnetische inductie.
- Homogeen elektrisch veld
- Elektrisch veld waarbij de elektrische veldsterkte overal even groot is, zoals tussen twee evenwijdige geladen platen.
- Radiaal elektrisch veld
- Elektrisch veld waarbij de elektrische veldsterkte kleiner wordt naarmate de afstand tot de geladen bol groter wordt.
- Wet van Coulomb
- Wet waarmee de elektrische kracht tussen bolvormige ladingen berekend kan worden.
- Lineaire versneller
- Apparaat bestaande uit een groot aantal buizen waartussen geladen deeltjes worden versneld met behulp van wisselspanning.
- Magnetisch veld
- Ruimte waarin een magneet een magnetische kracht ondervindt.
- Elektromagneet
- Een stroomspoel waarvan het magnetisch veld kan worden in- en uitgeschakeld en versterkt.
- Lorentzkracht
- Kracht die bewegende geladen deeltjes ondervinden in een magnetisch veld.
- Collector
- Onderdeel in een elektromotor dat de richting van de elektrische stroom op het juiste moment omkeert.
- Flux
- Maat voor het aantal magnetische veldlijnen dat door een vlak gaat.
- Inductiespanning
- Spanning die over de uiteinden van een spoel ontstaat door een verandering in de magnetische flux.
- Generator
- Een zeer grote dynamo die kinetische energie omzet in elektrische energie met behulp van inductiespanning.