maatschapijleer hoofdstuk 3

Publiek
2
Woorden in deze lijst (51)
Origineel
- kenmerken democratie
- persvrijheid, politieke grondrechten, regelmatige eerlijke verkiezingen, politie en leger moeten aan bepaalde regels voldoen, individuele vrijheid, onafhankelijke rechtspraak
- directe democratie
- als burgers direct zeggenschap hebben in de democratie
- indirecte democratie
- als burgers verantwordiger kiezen die de beslissingen maakt
- constitutionele monarchie
- als er een niet gekozen koning/
koningin is die zich aan een grondwet moet houden - kenmerken autoritair regime
- trias politicas (wetgevende, uitvoerende, rechterlijke macht) word door een kleine groep bestuurd. geen onafhankelijke rechtspraak. grondrechten niet gerespecteerd. verkiezingsfraude. geen persvrijheid. overheidsgeweld
- liberalisme(oud)
- meer persoonlijke vrijheid
- socialisme(oud)
- gelijkheid, sociale rechtvaardigheid
- confesionalisme(oud)
- god, mensen rekende op elkaar
- liberalisme (nieuw)
- vrijheid
- sociaal democratie
- gelijkheid en solidariteit
- christendemocratie
- samen problemen oplossen, samen leven verbint mensen etc.
- conservatisme
- tradities, godsdienst
- ecologisme
- mens is deel van groter ecosysteem: milieu belangrijk
- populisme
- nationalistisch, tegen immigranten
- links (sociaal economisch)
- overheid actief optreden op sociaaleconomisch gebied voor kwetsbare groepen te ondersteunen
- rechts (sociaal economisch
- markt zo vrij mogelijk zodat vraag en aanbod voor meeste welvaart zorgt
- progressief(sociaal cultureel)
- verandering in ethische kwesties: abortus etc.
- conservatief
- gemeenschap, nationalisme, eigen cultuur en tradities belangrijk
- nationalisten
- liefde voor eigen land, voelen superior tegenover buitenland
- internationalisten
- wereldburgers, openhouding andere culturen
- actief kiesrecht
- recht om bij verkiezingen te stemmen 18+
- passief kiesrecht
- recht om je verkiesbaar te verstellen 18+
- evenredige vertegenwoordiging
- alle stemmen verdeelt over beschikbaar aantal zetels
- districtenstelsel
- elk district een winnaar, wie bij meeste districten heeft gewonnen= winnaar
- kiesdeler
- aantal stemmen/
aantal leden waar je op kan stemmen - coalitie
- samenwerking tussen partijen in de 2e kamer
- oppositie
- partijen die niet in de coalitie zitten
- minderheidskabinet
- als een coalitie minder dan de helft van de zetels heeft
- regering
- koning+ministers
- kabinet
- ministers+staatssecretarissen
- ministers
- eigen onderwerp, ambtenaars maken wetsvoorstel voor minister. minister draagt ze voor bij ministerraad
- staatssecretarissen
- verantwoordelijk deel van onderwerp v/
d minister & moeten allebei verantwoorden 1e/ 2e kamer - premier/
minister president - voorsitter ministerraad
- staatshoofdtaken (taken v/
d koning) - 1. ondertekenen alle wetten en verdragen 2. voorlezen troonrede prinsjesdag 3. benoemen ministers & staatssecretarissen 4. over kabinetsbeleid worden ingelicht 5. staats bezoeken buitenland
- ministeriële verantwoordelijkheid
- koning kan nooit ergen verantwoordelijk gehouden worden over dingen die hij zegt of doet
- prinsjesdag
- koning leest troonreden voor waarin staat wat de regering heeft en wat de regering wil doen komend jaar & minister financiën leest miljoenen nota voor
- parlement/
statengeneraal - 1e & 2e kamer controleert de regering
- taken 1e & 2e kamer
- 1. controleren regering 2. samen met regering wetten maken
- rechten wetgevende taak 2e kamer
- 1. stemrecht 2. recht van initiatief 3. recht van amendement 4. budgetrecht
- rechten controlerende taak 2e kamer
- 1. vragenrecht 2. recht van motie 3. recht onderzoek en enquete 4. recht van interpallatie
- stemrecht 2e kamer
- kan wetsvoorstellen goed of fout stemmen
- recht van initiatief 2e kamer
- kan wetsvoorstellen samenstellen
- recht van amendement 2e kamer
- mag wetsvoorstellen wijzigen/
aanpassen - budgetrecht 2e kamer
- regering moet het budgetplan voordragen aan de 2e kamer. 2e kamer mag budgetplan verwerpen wijzigen of goed stemmen
- vragenrecht 2e kamer
- ze mogen ministers vragen stellen
- recht van motie 2e kamer
- verzoek aan ministers of ze iets wel/
niet moeten doen - recht van interpellatie 2e kamer
- debat aanvragen ministers/
staatssecretarissen mag niet gelogen worden - recht van onderzoek en enquete 2e kamer
- mogen onderzoek doen naar de regering en mag mensen ondervragen onder ede
- dualisme
- duidelijke scheiding tussen regering en parlement
- trias politica
- duidelijk machtenscheiding tussen wetgevende uitvoerende en rechtsprekende macht
- hoe komt wet tot stand
- 1. er is een probleem 2. minister/
2e kamerlid doet wetsvoorstel 3. 2e kamer debatteert voorstel 4. 2e kamer leden kunnen amendementen inrichten 5. 2e kamer stemt amendementen en wetsvoorstel 6. 1e kamer stemt wetsvoorstel 7. koning en minister ondertekenen wet 8. wet tot stand
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–