Overzicht begrippen basen
Publiek
Woorden in deze lijst (11)
Origineel
- Acceptor/
donor - Bij een zuurbase-reactie geeft het zuur (donor) een H⁺ over aan de base (acceptor).
- Base
- Een base zorgt in oplossing voor een pH groter dan 7 doordat er in de oplossing OH⁻-ionen voorkomen. Een base is een deeltje dat een H⁺-ion kan opnemen.
- Baseconstante
- De baseconstante is de evenwichtsconstante bij een oplossing van een zwakke base in water. De baseconstante geef je weer met K_{b} en komt voor een zwakke base B overeen met onderstaande formule K_{b} = [OH⁻][HB⁺]/
[B] - Buret, maatkolf en volpipet
- Met een buret druppel je een reagens toe bij een titratie. Een maatkolf gebruik je bij een verdunning. Een maatkolf heeft een nauwkeurig bekend volume. Met een volpipet breng je een nauwkeurig bekend volume over van het ene glaswerk naar het andere.
- Equivalentiepunt of omslagpunt
- Het equivalentiepunt of omslagpunt is het punt waarbij het zuur en de base volledig hebben gereageerd. Het omslagpunt maak je zichtbaar met een indicator.
- pH berekenen
- De pH van een basische oplossing bereken je door eerst de pOH te berekenen met pOH = -log[OH⁻]. Bij gegeven pH bereken je eerst de pOH en dan de OH⁻-concentratie met [OH⁻] = 10^{-pOH}.
- pOH
- pOH = -log[OH⁻]. Een base heeft een pOH < 7. Er geldt pOH + pH = 14,00 bij kamertemperatuur.
- Sterke base
- Een sterke base geeft met water in een aflopende reactie OH⁻-ionen. Je berekent de pH rechtstreeks uit de molariteit van de basische oplossing.
- Wassen
- Extraheren van gassen uit gasmengsels met behulp van vloeistoffen of oplossingen.
- Zuur-basetitratie
- Met een zuur-basetitratie bepaal je de molariteit van een onbekende stof door nauwkeurige hoeveelheden zuur en base met elkaar te laten reageren. Bij het equivalentiepunt of omslagpunt hebben het zuur en de base volledig gereageerd.
- Zwakke base
- Een zwakke base reageert opgelost in water slechts gedeeltelijk met water. De reactie is een evenwichtsreactie. De concentratie OH⁻-ionen en de pH moet je berekenen met de evenwichtsvoorwaarde.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–