nederlands spelling vwo 3
Publiek
12
Woorden in deze lijst (21)
Origineel
- Leestekens
- Tekens die helpen bij het lezen van een tekst, zoals een punt, vraagteken en uitroepteken.
- Komma
- Een leesteken dat een rust in de zin aangeeft.
- Dubbele punt
- Een leesteken dat dient om iets aan te kondigen, zoals een citaat, een gedachte, een opsomming of een uitleg.
- Aanhalingstekens
- Leestekens die gebruikt worden bij citaten, wanneer een woord zelf bedoeld wordt of wanneer een woord op een speciale manier wordt gebruikt.
- Puntkomma
- Een leesteken dat wordt gebruikt tussen hoofdzinnen die nauw samenhangen of als afsluiting van onderdelen in een lange opsomming.
- Zelfstandig gebruikte telwoorden
- Telwoorden waarbij je achter het telwoord geen zelfstandig naamwoord uit de zin kunt invullen; ze worden met een n geschreven als ze personen aanduiden.
- Bijvoeglijk gebruikte telwoorden
- Telwoorden die niet-zelfstandig worden gebruikt en voor een zelfstandig naamwoord staan; deze worden zonder n geschreven.
- Zelfstandig gebruikte bijvoeglijke naamwoorden
- Bijvoeglijke naamwoorden die niet bij een zelfstandig naamwoord staan en een n krijgen in het meervoud als ze personen aanduiden.
- Stoffelijke bijvoeglijke naamwoorden
- Bijvoeglijke naamwoorden die een materiaal aanduiden en geen uitgang op -e of -n krijgen wanneer ze zelfstandig naar zaken verwijzen.
- Afkorting
- De weergave van een woord(groep) met een beperkt aantal letters, die je uitspreekt als het oorspronkelijke woord.
- Letterwoord
- Een woord dat bestaat uit de eerste letters van een naam of woordgroep en wordt uitgesproken als een woord.
- Initiaalwoord
- Een woord dat wordt gevormd uit de eerste letters van een naam of woordgroep en wordt uitgesproken als losse letters.
- Verkorting
- Een woord opgebouwd uit een of meer (delen van) lettergrepen dat je uitspreekt als een woord.
- Symbool
- Een notatie van een wetenschappelijk begrip, een eenheid of een valuta die je uitspreekt als het woord waar het voor staat.
- Trema
- Teken dat wordt gebruikt om te voorkomen dat twee klinkers in één woord samen worden uitgesproken of in leenwoorden.
- Umlaut
- De benaming voor het trema in Duitse leenwoorden.
- Apostrof
- Teken dat wordt gebruikt om uitspraakproblemen te voorkomen, als weglatingsteken, bij afkortingen of in bepaalde verkleinwoorden.
- Accent aigu
- Accentteken dat op klinkers wordt geplaatst om klemtoon aan te geven of in woorden zoals cliché en paté.
- Accent grave
- Accentteken dat voorkomt op de letter e in woorden als etagère, après-ski en scène.
- Accent circonflexe
- Accentteken dat voorkomt op de letter e in woorden als enquête en gêne.
- Cedille
- Teken onderaan de letter c dat ervoor zorgt dat de letter als een s klinkt wanneer deze voor een a, o of u staat.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–