TrabiTour - 1/2 vmbo-gt havo - Kapitel 7 - Hier bin ich zu Hause! - H
Publiek
Woorden in deze lijst (10)
Origineel
- Wie viele Zimmer hat eure Wohnung/
euer Haus? - Hoe veel kamers zijn er in jullie appartement/
huis? - Unsere Wohnung hat insgesamt drei Zimmer/
zwei Schlafzimmer und ein Wohnzimmer. - Ons appartement heeft in totaal drie kamers/
twee slaapkamers en een woonkamer. - Wo ist dein Schlafzimmer/
das Wohnzimmer? - Waar is jouw slaapkamer/
de woonkamer? - Mein Schlafzimmer ist im ersten Stock.
- Mijn slaapkamer is op de eerste verdieping.
- Hast du ein eigenes Zimmer?
- Heb jij een eigen kamer?
- Ja, habe ich. Nein, ich teile mir ein Zimmer mit meinem Bruder/
meiner Schwester. - Ja, die heb ik. Nee, ik deel een kamer met mijn broer/
mijn zus. - Was steht in deinem Zimmer?
- Wat staat er in jouw kamer?
- In meinem Zimmer stehen ein Bett, ein Schrank und eine Pflanze.
- In mijn kamer staan een bed, een kast en een kamerplant.
- Habt ihr einen Garten?
- Hebben jullie een tuin?
- Nein, wir haben einen Balkon/
eine Terrasse. - Nee, wij hebben een balkon/
een terras.