hoofdstuk 8 (SE2)
Publiek
5keer geoefend
Woorden in deze lijst (51)
Origineel
- chemische receptoren
- kunnen bepaalde moleculen uit de omgeving binden
- mechanische receptoren
- geven een impuls af als het celmembraan buigt of uitrekt door aanraking, beweging
- tastreceptoren
- ontstaat een impuls als het celmembraan wordt vervormd door lichte aanraking of druk
- temperatuurreceptoren
- reageren op warmte en kou
- lichtreceptoren
- een impuls ontstaat door zichtbaar licht
- pijnreceptoren
- er ontstaat een impuls door extreme druk, temperatuur of chemische stoffen die vrijkomen bij beschadiging van weefsel
- gewenning of adaptie
- de aanpassing van de gevoeligheid van een zintuig
- pupil
- opening in de iris
- ooglens
- achter de iris en de pupil
- voorste oogkamer
- tussen het hoornvlies en de iris
- achterste oogkamer
- tussen de iris en de ooglens
- netvlies
- binnenste laag van de wand van het oog
- gele vlek
- centrum van de netvlies, recht achter de pupil
- blinde vlek
- de plaats van de netvlies waar de oogzenuw het oog verlaat
- accomodatie
- het boller of platter worden van een lens
- bijziend
- voorwerpen van dichtbij scherp, veraf niet, het brandpunt valt voor de netvlies, de lens breekt de lichtstralen te sterk, holle (-) lens nodig
- verziend
- voorwerpen van veraf scherp, dichtbij niet, brandpunt valt achter de netvlies, de lens breekt de lichtstralen niet voldoende, bolle (+) lens nodig
- pupilreflex
- regelt de hoeveelheid licht die op je netvlies valt
- staafjes
- gevoelig voor bijna alle kleuren licht, ongevoelig voor rood
- kegeltjes
- kan je kleuren waarnemen, elk voor een ander type kleur
- gedrag
- biologisch waarneembare activiteiten van dier en mens
- adequaat gedrag
- de overlevingskans en fitness worden vergroot als het gedrag goed is aangepast aan de omstandigheden
- gedragselementen
- opeenvolgende handelingen
- respons
- reactie op een prikkel
- gedragsysteem
- handelingen met hetzelfde doel
- externe factoren
- omgeving
- interne factoren
- lichaam
- biologische klok
- een bepaald ritme in het lichaam
- ethogram
- objectieve beschrijving van verschillende handelingen van een diersoort
- protocol
- overzicht van opeenvolgende waargenomen handelingen
- erfelijke eigenschappen
- aangeboren
- aangeleerde eigenschappen
- ervaring
- instinct
- aangeboren gedrag
- sleutelprikkel
- een prikkel die ervoor zorgt dat jij bepaalt gedrag gaat uitvoeren
- supranormale prikkel
- overdreven prikkel zorgt voor overdreven reactie
- gewenning
- kans op prikkel neemt af bij herhaaldelijk toedienen
- inprenting
- dieren leren in bepaalde korte periode in hun leven
- imitatie
- dieren leren door gedrag van soortgenoten na te doen
- conditionering
- leert gedrag door positieve of negatieve ervaring
- klassieke conditionering
- het vervangen van een natuurlijke prikkel voor kunstmatige prikkel
- operaat conditionering
- gedrag beinvloeden door beloning
- inzicht
- zelf een nieuwe oplossing bedenken door eerdere ervaring
- sociaal gedrag
- gedrag van soortgenoten ten opzichte van elkaar
- communicatie
- signalen bij sociaal gedrag (kleuren, geluiden, geuren)
- terretoriumgedrag
- verdediging van zijn gebied
- verzoeningsgedrag
- signaal waardoor agressie van dominante dier afneemt
- balts
- combinatie van overdreven snelle handelingen op gedragsysteem
- bronst
- paring bij zoogdieren
- broedzorg
- zorgen voor de eieren
- paringsgedrag
- gedrag tijdens paring
- groepsgedrag
- gedrag dat alleen in bijzijn van die groep gebeurt