DE WERELD VAN - Leeropdrachtenboek 6V - Begrippenlijst H3
Publiek
Woorden in deze lijst (72)
Origineel
- andesiet
- Grijs-zwart uitvloeiingsgesteente met kleine en grote kristallen.
- bevolkingsdruk
- De spanning tussen de omvang van de bevolking en de bestaansmogelijkheden in een gebied.
- bevolkingsparticipatie
- Proces waarbij de bevolking betrokken wordt bij de politieke besluitvorming op lokaal niveau.
- buitenlandse investeringen/
foreign direct investments - Investeringen in een land door buitenlandse bedrijven of overheden.
- caatinga/
doornstruiksavanne - Savannegebied waar vooral doornstruiken groeien.
- cash crops
- Agrarische producten die verbouwd worden om te verhandelen.
- cerrado/
boomssavanne - Savannegebied waar relatief veel bomen groeien.
- cliëntelisme
- Het verlenen van voorrechten door dominante bevolkingsgroepen aan hun eigen bevolkingsgroep.
- de-agrarisatie
- Het afnemende belang van de landbouw in de economie van een gebied.
- democratisering
- Proces waarbij de bevolking in toenemende mate kan bepalen wie de regering van het land vormen.
- demografische druk
- De verhouding tussen de werkende leeftijdsgroep en de niet-werkende leeftijdsgroep.
- dictatuur
- Een vorm van bestuur waarbij de macht in handen is van één politieke partij of één persoon en waarbij andere partijen niet zijn toegestaan.
- diepzeetrog
- langergerekte diepte in de oceaan, parallel aan de convergente plaatgrens.
- duale economie
- Het naast elkaar bestaan van een traditionele en moderne sector in de economie van een gebied.
- elite
- Kleine groep rijke mensen die vaak beschikken over politieke macht.
- El Niño
- Periodiek optredende stijging van de zeewatertemperatuur voor de kust van Peru, met wereldwijd veranderende weerpatronen tot gevolg.
- ertsen
- Gesteenten en mineralen waar mensen nuttige en economisch interessante stoffen uit kunnen halen.
- ertsvorming
- Vorming van ertsen als gevolg van sedimentatie, uitspoeling of afkoeling in magmahaarden.
- etniciteit
- Een groep die een cultuur en identiteit deelt.
- etnische en/
of religieuze conflicten - Conflicten tussen bevolkingsgroepen met een verschillende etnische achtergrond en/
of verschillende geloofsovertuigingen. - etnische en culturele diversiteit
- Mate van verscheidenheid aan soorten etniciteit en cultuur in een gebied.
- exportvalorisatie
- Bewerking van producten vóór de export, zodat de waarde stijgt.
- favela
- De Braziliaanse benaming voor een sloppenwijk.
- food crops
- Agrarische producten die verbouwd worden om als voedsel voor mensen te dienen.
- foreign direct investments
- Zie buitenlandse investeringen.
- formele machtsstructuur
- De wijze waarop de regels over de machtsverdeling in een gebied zijn vastgesteld.
- fossiele energiebron
- Brandstof van organische oorsprong, zoals aardolie, aardgas en steenkool.
- gematigde zone
- De landschapszone in het gebied van het Cf- en Df-klimaat met zomergroen loofbos als natuurlijke plantengroei.
- geografisch beeld
- Beeld van een ruimtelijk verschijnsel dat is gebaseerd op geografische feiten.
- gezinsplanning
- Het door geboorteregeling bepalen en vaak ook het beperken van de ontwikkeling van een gezin.
- gini-coëfficiënt
- Getal tussen 0 en 1 om de inkomensongelijkheid in een samenleving uit te drukken.
- good governance
- Een bestuur dat democratisch is, de zwakkeren beschermt en corruptie bestrijdt.
- grondbezitverhoudingen
- Verdeling van het grondbezit over de bevolking binnen een gebied.
- handelsbalans
- Het verschil (som) tussen de inkomsten uit export en de uitgaven aan import.
- hoogland/
hoogvlakte - Hooggelegen gebied (> 500 meter) met relatief weinig reliëf.
- hoogtezone
- Aaneengesloten gebied van min of meer dezelfde hoogte ten opzichte van de zeespiegel.
- hoogvlakte
- Zie hoogland.
- import- en exportpakket
- Samenstelling van het totale pakket aan goederen en diensten dat een land invoert en uitvoert.
- importsubstitutie
- De investering in de binnenlandse industrie om de import te vervangen. Vaak in combinatie met hogere importheffingen.
- industrialisatie
- Het toenemende belang van de industrie in de economie van een gebied.
- informal city
- Deel van de stad dat geen onderdeel uitmaakt van de geplande stedelijke ontwikkeling.
- informele machtsstructuur
- De wijze waarop de machtsverdeling in een gebied in het dagelijks leven tot uiting komt.
- informele sector
- Economische sector waarin mensen werk doen dat niet-officieel, dus zonder contract en zonder belasting te betalen, wordt uitgevoerd.
- landgrabbing/
landroof - Aankoop of huur van grond door buitenlandse overheden en multinationals om grootschalige, commerciële landbouw te bedrijven ten koste van de bestaanszekerheid van de lokale bevolking.
- landroof
- Zie landgrabbing.
- latifundia
- Grootschalige landbouw.
- latino's
- Zuid-Amerikaanse bevolkingsgroep met een Spaanse of Portugese achtergrond.
- llanos/
grassavanne - Savannegebied waar vooral grassoorten groeien.
- lorenzcurve
- Grafiek die weergeeft in hoeverre het inkomen van een land gelijk verdeeld is over de bevolking.
- mangrove
- Bosgebied in de tropen dat door getijdewerking (eb en vloed) regelmatig overstroomt met zout water.
- megastad
- Een stad met meer dan 10 miljoen inwoners.
- mental map
- Beeld van gebieden en verschijnselen dat niet gebaseerd is op feiten, maar op de manier waarop we de werkelijkheid ervaren.
- mestizering
- Proces in Zuid-Amerika waarbij de Zuid-Amerikaanse bevolking met een gemengde afkomst toeneemt.
- natuurlijke bevolkingsgroei
- Het verschil tussen geboorte en sterfte in een gebied.
- neoliberalisme
- Beleid dat gekenmerkt wordt door de afname van handelsbeperkingen, de rol van de staat en regels binnen de economie en geldmarkt.
- oligarchie
- Bestuursvorm waarbij een kleine groep de macht heeft.
- pampa
- Vochtig grasland.
- passaat
- Constant waaiende winden aan het aardoppervlak van het subtropisch hogedrukgebied rond de 30° breedte naar de Intertropische Convergentiezone (ITCZ) rond de evenaar.
- perceptie
- Hoe we de werkelijkheid ervaren, vaak gebaseerd op meningen over gebieden en verschijnselen.
- populisme
- Manier van politiek voeren waarbij politici benadrukken dat ze willen opkomen voor het volk. Hierbij benadrukken ze de kloof tussen de massa en de politieke macht.
- savanne
- Tropisch gebied waar grasland en bos elkaar afwisselen. De begroeiingsdichtheid is lager dan die in het tropisch regenwoud doordat er een periode in het jaar weinig neerslag valt.
- schild
- Groot plateau op een continent; bestaat uit zeer oude gesteenten.
- selva/
tropisch regenwoud - Bosgebied in de tropen met een zeer hoge biodiversiteit en begroeiingsdichtheid.
- sloppenwijk/
stadswijk - Illegale, arme zelfbouwwijk met veel krotoningen waar mensen wonen die door geldgebrek of woningnood geen betere woning kunnen krijgen.
- sociale bevolkingsgroei
- Het verschil tussen emigratie en immigratie van mensen naar en uit een gebied.
- steppe
- Grasland met weinig neerslag en spaarzame vegetatie.
- stereotype
- Algemeen, vaak wat overdreven beeld van een groep mensen.
- tertiairisering
- Het toenemende belang van de dienstensector in de economie van een gebied.
- tropisch laagland
- Gebied in de tropen met een maximale hoogte van 200 meter.
- tropisch regenwoud
- Zie selva.
- UNASUR
- Unie van Zuid-Amerikaanse naties, waarbinnen twaalf landen met elkaar samenwerken.
- waterkrachtcentrale
- Een constructie waarbij elektriciteit wordt opgewekt met stromend water.