Hoofdstuk 8: Geluid
Publiek
Woorden in deze lijst (26)
Origineel
- decibelmeter
- meetinstrument voor geluidssterkte
- echo
- het geluid dat weerkaatst en dat je even later terughoort
- frequentie
- het aantal trillingen in een tijdsduur van één seconde
- frequentiebereik (bron)
- de laagste en de hoogste frequentie die een geluidsbron kan maken
- frequentiebereik (ontvanger)
- de laagste en de hoogste frequentie die een ontvanger kan waarnemen
- geluidsbron
- het voorwerp waar het geluid ontstaat
- geluidshinder
- geluidsoverlast, als je last hebt van de geluiden van anderen
- geluidsoverlast
- geluidshinder, als je last hebt van de geluiden van anderen
- geluidssnelheid
- de snelheid waarmee geluid door een tussenstof gaat
- geluidssterkte
- hoe hard het geluid is
- klankkast
- een hol voorwerp dat de geluidstrilling overneemt en versterkt
- lawaaiopheid
- een gehoorbeschadiging waardoor je sommige tonen minder goed hoort
- luchtkolom
- de lengte van de trillende lucht in een blaasinstrument
- luidspreker
- geluidsbron die van een elektrisch signaal een geluidstrilling maakt
- microfoon
- ontvanger van geluid die van een geluidstrilling een elektrisch signaal maakt
- ontvanger
- persoon of voorwerp die het geluid waarneemt
- toon
- geluid waarvan de hoogte niet verandert, geluid waarvan de frequentie niet verandert
- tussenstof
- de stof die de geluidstrilling doorgeeft, de stof tussen de geluidsbron en de ontvanger
- uitwijking
- de verste stand van het trillende deel van de geluidsbron
- vacuüm
- een ruimte waar geen lucht is en ook geen andere tussenstof
- vuistegel voor onweer
- iedere drie seconden tussen bliksem en donder is een afstand van 1 km tot de onweersbui
- + amplitude
- de grootste uitwijking van de trilling
- + harmonische trilling
- een trilling waarvan het u,t-diagram een regelmatige vorm van bergen en dalen heeft
- + trillingstijd
- de tijdsduur van één volledige trilling
- + toongenerator
- apparaat dat een harmonische trilling maakt
- + u,t-diagram
- uitwijking,tijd-diagram van een trilling