Begrippen k2. p4 H8
Publiek
4
Woorden in deze lijst (33)
Origineel
- De denkbeeldige lijn van de Noordpool naar de Zuidpool.
- aardas
- De weerkaatsing van de atmosfeer en het aardoppervlak.
- albedo
- Het effect dat zonlicht weerkaatst op het aardoppervlak.
- albedo-effect
- De lijn waarboven het te koud is voor boomgroei. (Grens tussen een gebied waar nog wel bomen groeien en waar geen bomen meer kunnen groeien door lage tempratuur.)
- boomgrens
- Het vasthouden van zonnewarmte door de dampkring.
- broeikaseffect
- Gas in de atmosfeer - zoals waterdamp, koolstofdioxide, methaan, lachgas en ozon - dat warmte kan opnemen en geleidelijk weer kan afgeven, waardoor het bijdraagt aan het broeikaseffect.
- broeikasgas
- Grond- en brandstof die je uit de aarde haalt.
- delfstof
- Het uit elkaar drijven van platen
- divergentie
- Het geheel van planten en dieren in een gebied en hoe ze in verhouding staan tot elkaar en hun omgeving.
- Ecosysteem
- Een strook van 200 zeemijl die wordt beheerd door de kuststaat en waar deze staat ook de visserijrechten heeft en het recht om grondstoffen te winnen.
- exclusieve economische zone (EEZ)
- Wetenschap die zich bezighoudt met het ontstaan en de veranderingen van de aardkorst.
- geologie
- De indeling van de geschiedenis van de aarde in geologische perioden en tijdvakken.
- geologische tijdschaal
- Enorme ijsmassa die langzaam naar beneden schuift.
- gletsjer
- Ruw materiaal (zoals ijzererts of cacaobonen) dat nog bewerkt moet worden om er een product van te maken.
- grondstof
- Lijn die punten van gelijke tempratuur met elkaar verbindt.
- isotherm
- Het gemiddelde weer in een bepaald gebied over dertig of veertig jaar.
- klimaat
- Laag eeuwige sneeuw op het land die tot ijs is samengeperst.
- landijs
- Heet, vloeibaar gesteente binnen in de aarde.
- magma
- Massa op elkaar geschoven losse brokken zee-ijs (ijsschollen).
- pakijs
- Naam voor het oer continent toen alle werelddelen aan elkaar vast lagen (zo'n 245 milj. jaar geleden).
- Pangea
- Permanent bevroren ondergrond.
- permafrost
- Het gebied ten noorden van 66^1/
2 N.B. en ten zuiden van 66^1/ 2 Z.B. - polaire zone
- Gekleurde lichtverschijnselen aan de hemel veroorzaakt door botsing van de zonnedeeltjes die de ruimte in worden geslingerd, met het magnetisch veld van de aarde. (Heet ook noorderlicht)
- poollicht
- Het gebied ten noorden van 66^1/
2 N.B. en ten zuiden van 66^1/ 2 Z.B. - poolstreken
- Langgerekt breukensysteem dat ontstaat door divergentie waardoor de aardkorst uitrekt, en daardoor dunner wordt.
- rift/
riftzone - Een gebied dat aan drie kanten is omringd door de zee.
- schiereiland
- Een zeer oud stuk aardkorst van minstens 500 milj. jaar.
- schild
- Vulkaan met steile hellingen die opgebouwd is uit lagen lava en pyroclastisch materiaal.
- stratovulkaan
- Het wegduiken van een oceanische plaat onder een continentale plaat.
- subductie
- Verschijnsel dat een proces wordt beïnvloed door zijn eigen resultaat.
- terugkoppeling
- Bevroren zeewater (pakijs en drijfijs).
- zee-ijs
- Stijging van de zeespiegel door het afsmelten van gletsjers en landijs en het uitzetten van zeewater.
- zeespiegelstijging
- Stroming van zeewater die ontstaat doordat de wind langdurig uit één richting waait.
- zeestroom