Begrippen
Publiek
18
Woorden in deze lijst (58)
Origineel
- absolute afstand
- De afstand die je meet langs een rechte lijn (hemelsbreed).
- absolute ligging
- De coördinaten van een plaats (N.B./
Z.B. en W.L./ O.L.). - andersglobalist
- Iemand die kritiek heeft op globalisering vanwege de negatieve gevolgen daarvan.
- belastingtarief
- Het percentage belasting dat wordt opgelegd aan een individu, onderneming of instelling.
- bipolaire wereld
- Wereldsysteem met twee economisch en/
of politiek machtige centrumgebieden. - bruto binnenlands product(bbp)
- De waarde van alle goederen en diensten die in een land worden geproduceerd.
- bruto nationaal product(bnp)
- De waarde van alle goederen en diensten die in een jaar door de bevolking van een bepaald land (ook in het buitenland) worden geproduceerd.
- buitenlandse investering
- Kapitaal dat wordt ingezet om in andere landen te investeren. Heet ook wel foreign direct investment(FDI).
- centrum
- Hoogontwikkeld, rijk land of gebied met veel economische en politieke macht.
- centrum-periferie model
- Systeem dat de wereld indeelt in centrumlanden,semiperifere landen en perifere landen op basis van economische en politieke machtsverhoudingen.
- communisme
- Politiek en economisch systeem waarbij de staat alle bedrijven bezit en bepaalt welke producten worden geproduceerd.
- culturele globalisering
- Toenemende vervlechting van de levens van mensen en intensivering van culturele relaties tussen cultuurggebieden.
- de-industrialisatie
- Afname van de productie en de werkgelegenheid in de industrie.
- dekolonisatie
- Het zelfstandig worden van een voormalige kolonie.
- economische globalisering
- Toenemende vervlechting en intensivering van economische relaties tussen landen.
- exploitatiekolonie
- kolonie die vooral wordt gebruikt om grondstoffen en winst voor het moederland te leveren, waarbij weinig wordt geïnvesteerd in de ontwikkeling van de kolonie zelf.
- geopolitiek
- Het inzetten van economische, politieke en militaire middelen door grootmachten om hun invloed op bepaalde gebieden te vergroten.
- globalisering
- Wereldwijde vervlechting van de levens van mensen en van de uitwisseling van mensen, goederen, geld en informatie (kennis, cultuur).
- global shift
- Het verschuiven van het economische zwaartepunt op de wereld.
- handelsbelemmering
- Voorwaarden die een land of een groep samenwerkende landen stelt aan de handel, waardoor er geen sprake is van vrijhandel.
- hegemoniale staat
- Land dat met economische,politieke en militaire middelen een dominante rol speelt in het wereldsysteem.
- imperialisme
- Proces waarbij landen hun macht in andere delen van de wereld willen uitbreiden door gebieden te veroveren en te controleren.
- informatie-en communicatietechnologie(ICT)
- alle technologie die wordt gebruikt om informatie te verwerken, op te slaan en met anderen te communiceren
- innovatie
- De ontwikkeling en succesvolle invoering van nieuwe of verbeterde producten, diensten, productie- en distributieprocessen.
- internationale arbeidsverdeling
- De manier waarop werk en productie over verschillende landen zijn verdeeld, waarbij elk land zich richt op de productie van bepaalde goederen of diensten.
- kapitaalstroom
- Internationale verplaatsing van geld of andere waardevolle eenheden.
- kapitalisme
- Politiek en economisch systeem waarin de productie wordt geleid door ondernemers en waarin investeringen worden gedaan om winst te maken.
- kolonialisme
- het proces waarbij een land (vooral Europese landen) gebieden in het buitenland veroverde en bestuurde om er grondstoffen, handel en macht uit te halen.
- kolonie
- Overzees gebiedsdeel dat in het bezit is van(meestal)een Europees land.
- multinationale onderneming(mno)
- Onderneming met vestigingen in ten minste twee landen. Heet ook multinational of transnationale onderneming.
- multipolaire wereld
- Wereldsysteem met meerdere gelijkwaardige economisch en/
of politiek machtige centrumgebieden. - nationalisme
- Politieke ideologie die het eigen land,de eigen inwoners en de eigen nationale identiteit als uitgangspunt neemt.
- neokolonialisme
- Toenemende economische afhankelijkheid van met name de voormalige koloniën van westerse landen.
- neoliberalisme
- economische en politieke visie waarbij de overheid zo min mogelijk ingrijpt en de vrije markt zoveel mogelijk wordt overgelaten aan bedrijven en concurrentie.
- nieuw industrieel land(NIC)
- Land dat zich in korte tijd ontwikkelde tot geïndustrialiseerd land,met als kenmerken een exportgerichte economie en het ontvangen van buitenlandse investeringen.
- offshoring
- het verplaatsen van bedrijfsactiviteiten naar het buitenland, vaak naar landen waar arbeid goedkoper is.
- outsourcing
- Het uitbesteden van werk aan een ander bedrijf in Nederland of in een ander land,meestal vanwege kostensparing.
- Pacific Rim
- Regio's of landen rondom de Grote Oceaan die een snelle economische groei doormaken.
- periferie
- minder economisch ontwikkeld land of gebied dat wordt gekenmerkt door afhankelijkheid,nadelige handelsrelaties,gebrekkige technologie en een lage productie.
- politieke globalisering
- Toenemende vervlechting en intensivering van politieke relaties tussen landen.
- productieketen
- De onderdelen waaruit het productieproces van goederen bestaat:onderzoek en ontwerp,productie,distributie en consumptie.
- protectie
- Alle beschermende maatregelen die een regio of een land neemt die zorgen voor handelsbelemmeringen,waarmee binnenlandse producten worden beschermd tegen concurrentie van buitenlandse producten.
- relatieve afstand
- De afstand die je uitdrukt in tijd,kosten en moeite.
- relatieve ligging
- De ligging van een plaats ten opzichte van andere plaatsen,uitgedrukt in tijd,kosten en moeite.
- reshoring
- Het terughalen van economische activiteiten uit het buitenland.
- ruilvoet
- Verhouding tussen het prijspeil van de exportproducten en het prijspeil van de importproducten.
- ruilvoeterslechtering
- Het steeds ongunstiger worden van de verhouding tussen het prijspeil van de exportproducten en het prijspeil van de importproducten.
- semiperiferie
- land of gebied dat een tussenpositie inneemt tussen het centrum en de periferie.
- slavernij
- Een systeem waarbinnen een mens eigendom is van en ander of als zodanig wordt behandeld en daardoor geen rechten heeft of kan uitoefenen.
- tijd-ruimtecompressie
- Proces waarbij de relatieve afstand tussen plaatsen afneemt vanwege verbeteringen in transport- en informatietechnologie.
- transportnetwerk
- Netwerk van vervoersstromen met hubs(knooppunten)en spokes(de verbindingen daartussen).
- transporttechnologie
- Technieken waaronder digitale technologie,die het mogelijk maken goederen sneller,goedkoper en op grotere schaal te vervoeren en distribueren.
- unipolaire wereld
- Wereldsysteem met één economisch en politiek machtig centrumgebied.
- vestigingskolonie
- Een overzees gebiedsdeel waar kolonisten(meestal Europeanen) zich blijvend vestigen.
- vrijhandel
- Handel tussen landen die volledig plaatsvindt volgens de wetten van vraag en aanbod,zonder handelsbelemmeringen.
- vrijhandelsverdrag
- Een verdrag tussen landen en/
of regio's dat handelsbelemmeringen opheft. - Wereldhandelsorganisatie(WTO)
- Organisatie die gericht is op het liberaliseren van de wereldeconomie.
- wereldsysteem
- Indeling van de wereld volgens een bepaald model, om met name de economische en politieke machtsverhoudingen uit te drukken.