MAX 1&2 DEEL B - 1/2 VWO/GYMNASIUM - Kapital 4 - Lektion 6 - Redemittel
Publiek
Woorden in deze lijst (15)
Origineel
- Kun je ook kaas meebrengen, alsjeblieft?
- Kannst du bitte auch Käse mitbringen?
- De koelkast is leeg.
- Der Kühlschrank ist leer.
- We moeten boodschappen doen.
- Wir müssen einkaufen.
- Ik ben vergeten brood te kopen.
- Ich habe vergessen, Brot zu kaufen.
- Er is geen ham meer en de boter is op.
- Es ist kein Schinken mehr da und die Butter ist alle.
- We hebben nog een pak koffie/
sap/ thee nodig. - Wir brauchen noch eine Packung Kaffee/
Saft/ Tee. - We hebben nog genoeg melk/
geen melk meer. - Wir haben noch genug Milch/
keine Milch mehr. - Ik eet graag een croissant en drink graag koffie.
- Ich esse gern ein Croissant und trinke gern Kaffee.
- Bij het ontbijt eet ik volkorenbrood.
- Zum Frühstück esse ich Vollkornbrot.
- Op zondag eet ik vaak een ei en fruit.
- Am Sonntag esse ich oft ein Ei und Obst.
- Het liefst eet ik ’s morgens pannenkoeken/
een broodje kaas. - Am liebsten esse ich morgens Pfannkuchen/
ein Brötchen mit Käse. - Ik ontbijt altijd/
vaak/ soms met yoghurt en muesli. - Ich frühstücke immer/
oft/ manchmal Joghurt und Müsli. - Cornflakes lust ik niet/
heel graag. - Cornflakes mag ich nicht/
sehr gern. - Bij het ontbijt drink ik altijd een kop thee/
een glas melk. - Zum Frühstück trinke ich immer eine Tasse Tee/
ein Glas Milch. - In het weekend zijn er altijd verse broodjes.
- Am Wochenende gibt es immer frische Brötchen.