Migratie
Publiek
Woorden in deze lijst (15)
Origineel
- Sociale bevolkingsgroei
- De verandering van het aantal mensen in een gebied door migratie.
- Migratie
- Het verhuizen van de ene naar de andere woonplek.
- Binnenlandse migratie
- Verhuizingen binnen een land.
- Vestigingssaldo
- Het verschil tussen het aantal mensen dat zich ergens vestigt en het aantal dat vertrekt.
- Migratiemotieven
- De redenen waarom migranten verhuizen, zoals werk, veiligheid of familie.
- Pushfactoren
- Motieven om ergens weg te gaan, ook wel afstotingsfactoren genoemd.
- Pullfactoren
- Motieven om ergens naartoe te trekken, ook wel aantrekkingsfactoren genoemd.
- Buitenlandse migratie
- Verhuizingen naar een ander land.
- Emigratie
- Het wegtrekken uit een land om in een ander land te gaan wonen.
- Immigratie
- Het naar een land toe komen om er te gaan wonen.
- Migratieachtergrond
- De situatie waarbij een persoon zelf, of ten minste één van de ouders, in het buitenland geboren is.
- Heimatvertriebenen
- Duitsers die na de Tweede Wereldoorlog werden verdreven uit gebieden in Oost-Europa en de Sovjet-Unie.
- Gastarbeiders
- Arbeiders die rond 1970 naar Nederland en Duitsland werden gehaald om een tekort aan arbeidskrachten op te vullen.
- Integratie
- De situatie waarbij migranten en hun kinderen zich gedeeltelijk aanpassen aan de cultuur en samenleving in hun nieuwe land.
- Segregatie
- Een situatie waarbij groepen mensen gescheiden van elkaar leven, bijvoorbeeld in aparte wijken.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–