Longventilatie
Publiek
Woorden in deze lijst (18)
Origineel
- Caissonziekte
- Een aandoening waarbij stikstofbellen in weefsels en bloedvaten ontstaan die afsluitingen veroorzaken, vaak optredend na een snelle stijging uit diep water.
- Longventilatie
- Het voortdurend verversen van de lucht in de longen om de pO2 en pCO2 constant te houden.
- Longvlies
- Het vlies dat tegen de longen aan ligt en ermee is vergroeid.
- Borstvlies
- Het vlies dat is vergroeid met de ribben, de binnenste tussenribspieren en het middenrif.
- Interpleurale ruimte
- De ruimte tussen het longvlies en het borstvlies waarin alleen een dunne laag vloeistof zit en geen lucht.
- Ribademhaling
- Vorm van ademhaling waarbij de ribben en het borstbeen bewegen, ook wel borstademhaling genoemd.
- Middenrifademhaling
- Vorm van ademhaling waarbij het middenrif beweegt, ook wel buikademhaling genoemd.
- Klaplong
- Een situatie waarbij er lucht tussen het borstvlies en het longvlies komt, waardoor de long inklapt.
- Ademvolume
- De hoeveelheid lucht die per ademhaling bij een rustige ademhaling wordt in- en uitgeademd.
- Dode ruimte
- De lucht in de luchtwegen (zoals bronchiën en luchtpijp) die niet deelneemt aan de gaswisseling bij de longblaasjes.
- Inspiratoir reservevolume
- De hoeveelheid lucht die bij een maximale inademing extra kan worden ingeademd.
- Expiratoir reservevolume
- De hoeveelheid lucht die bij een maximale uitademing extra kan worden uitgeademd.
- Restvolume
- De hoeveelheid lucht die na een maximale uitademing altijd in de longen achterblijft.
- Vitale capaciteit
- De hoeveelheid lucht die in één ademhaling maximaal kan worden verplaatst.
- Longcapaciteit
- Het totale longvolume, bestaande uit de vitale capaciteit en het restvolume samen.
- Ademcentrum
- Gedeelte in de hersenstam dat de diepte en snelheid van de ademhaling aanpast aan de omstandigheden.
- Chemoreceptoren
- Zintuigcellen die de koolstofdioxideconcentratie van het bloed waarnemen.
- Rekreceptoren
- Receptoren in de bronchiën die de rektoestand van de longen waarnemen en de inademing kunnen remmen.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–