Leerboek - 3 vmbo-kgt - 1 Indonesië & Nederland - E
Publiek
Woorden in deze lijst (28)
Origineel
- veroveren
- met geweld in bezit nemen van een stuk land
- modern imperialisme
- imperialisme van ná de Industriële Revolutie, de tijd waarin Europeanen door hun technische voorsprong veel koloniën konden veroveren
- overheersen
- macht hebben over een land of volk, meestal tegen de zin van dat land of dat volk
- kolonie
- gebied buiten het eigen land waar mensen heengaan om er te wonen of om er de plaatselijke bevolking te overheersen, het gebied te besturen, er grondstoffen te vinden en handel te drijven
- Industriële Revolutie
- overgang van een samenleving waarin landbouw het belangrijkste middel van bestaan is naar een industriële samenleving
- techniek
- kennis om iets ingewikkelds in elkaar te zetten. Ook: toepassing van zulke kennis om apparaten te bedenken en te bouwen
- oorlog
- gewapende strijd tussen landen
- industrie
- grootschalige manier van produceren die gebruikmaakt van machines
- grondstof
- materiaal waaruit iets wordt gemaakt
- product
- iets wat geproduceerd is
- afzetmarkt
- gebied waarin of bevolking waaraan producten worden verkocht
- fabriek
- plaats waar producten worden gemaakt met behulp van machines
- liberaal
- liberaal betekent letterlijk: vrijheidslievend. Een liberaal is aanhanger van de idealen van de democratische revolutie, zoals gelijke rechten voor alle burgers, democratie en een grondwet
- regering
- groep bestuurders, meestal ministers, die plannen maakt voor nieuwe wetten en bestaande wetten uitvoert
- macht
- vermogen om anderen te laten doen wat jij wilt
- vrijheid
- kunnen doen wat je zelf wilt. Kunnen gaan en staan waar je wilt. Tegenovergestelde van slavernij of horigheid
- ondernemer
- iemand die zelfstandig een bepaald bedrijf of een bepaalde handel opzet
- Cultuurstelsel
- systeem dat door de Nederlanders werd ingevoerd in Indonesië waarbij Indonesische boeren verplicht werden een deel van hun grond te gebruiken voor gewassen waar de Nederlanders behoefte aan hadden
- plantage
- groot landbouwbedrijf waarop één product wordt verbouwd dat in Europa niet kan groeien maar dat Europeanen wél graag willen hebben, bijvoorbeeld koffie en katoen
- orde en rust
- een kalme en geregelde toestand, waarin mensen veilig zijn en weten waaraan ze toe zijn
- invloed
- nwerking op iemand anders of op de samenleving, zodanig dat je iets gedaan krijgt
- onderwijs
- overbrengen van kennis en vaardigheden op leerlingen
- missionaris
- iemand die eropuit gestuurd wordt om de christelijke godsdienst te verspreiden
- christendom
- godsdienst van de volgelingen van Jezus Christus, een joodse godsdienstige leider die omstreeks het begin van de jaartelling in Palestina leefde. Eeuwenlang de belangrijkste godsdienst in Europa
- animisme
- soort godsdienst zonder goden die ervan uitgaat dat dingen in de natuur een ziel of een geest hebben die je moet vereren
- moslim
- aanhanger van de islam
- minderheid
- groep die kleiner is dan de meerderheid
- onrechtvaardig
- tegenovergestelde van rechtvaardig