Het ademhalingsstelsel
Publiek
Woorden in deze lijst (14)
Origineel
- Ademhalingsstelsel
- Het stelsel van organen waarmee zuurstof uit de lucht wordt opgenomen, bestaande uit onder andere de neus, de longen en het middenrif.
- Bronchiën
- De twee vertakkingen van de luchtpijp die de lucht naar de luchtpijptakjes vervoeren en weer terug.
- Luchtpijptakjes
- Kleine buisjes waarin de bronchiën zich steeds verder vertakken en die uitmonden in de longblaasjes.
- Longblaasjes
- Trosjes aan het einde van de luchtpijptakjes waar de uitwisseling van zuurstof en koolstofdioxide met het bloed plaatsvindt.
- Middenrif
- Een stevig, gespierd vlies dat de romp verdeelt in de borstholte en de buikholte.
- Neusslijmvlies
- Slijmvlies dat de neusholte bekleedt en de ingeademde lucht vochtig maakt, verwarmt en zuivert.
- Trilharen
- Kleine haartjes op het slijmvlies die slijm met opgevangen stofdeeltjes en ziekteverwekkers naar de keelholte verplaatsen.
- Reukzintuig
- Een zintuig boven in de neusholte dat de binnenstromende lucht keurt en waarschuwt voor schadelijke gassen.
- Strotklepje
- Een klepje dat de luchtpijp afsluit tijdens het slikken, zodat er geen voedsel in de luchtwegen komt.
- Huig
- Een klepje dat de neusholte afsluit tijdens het doorslikken van voedsel.
- Luchtpijp
- Een holle buis die het strottenhoofd verbindt met de bronchiën en door kraakbeenringen altijd openstaat.
- Kraakbeenringen
- Hoefijzervormige ringen in de wand van de luchtpijp en bronchiën die ervoor zorgen dat de luchtwegen niet dichtklappen.
- Longhaarvaten
- Een netwerk van kleine bloedvaatjes rondom de longblaasjes waar gasuitwisseling mogelijk is door de dunne wanden.
- Zoönose
- Een ziekte die van dier op mens kan worden overgedragen.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–