Strafrecht: opsporing en vervolging
Publiek
Woorden in deze lijst (24)
Origineel
- Onschuldvermoeden
- Het principe dat een verdachte onschuldig is tot het tegendeel door de rechter bewezen wordt geacht.
- Wetboek van Strafvordering
- Het wetboek waarin de regels voor de behandeling van verdachten en de bevoegdheden van politie en justitie staan.
- Strafbaarheidsbeginsel
- De regel dat iemand niet veroordeeld kan worden voor iets wat volgens de wet niet strafbaar was op het moment van plegen.
- Ne bis in idem-regel
- De bepaling dat iemand niet twee keer vervolgd kan worden voor hetzelfde vergrijp.
- Verjaringstermijn
- De termijn waarna iemand niet meer vervolgd kan worden voor een strafbaar feit omdat de tijd is verstreken.
- Misdrijven
- Ernstige strafbare feiten zoals moord, mishandeling en diefstal met geweld.
- Overtredingen
- Minder ernstige strafbare feiten zoals het veroorzaken van overlast of wildplassen.
- Justitiële documentatie
- De registratie van gepleegde strafbare feiten, voorheen het strafblad genoemd.
- Openbaar Ministerie (OM)
- De overheidsinstantie die namens de staat optreedt bij het opsporen en vervolgen van strafbare feiten.
- Officier van justitie
- De vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie die het opsporingsonderzoek leidt en beslist of een zaak voor de rechter komt.
- Proces-verbaal
- Het schriftelijke verslag van het opsporingsonderzoek dat de politie opstelt voor de officier van justitie.
- Verdachte
- Iemand bij wie een redelijk vermoeden van schuld aan een misdrijf of overtreding bestaat.
- Staande houden
- Het laten stilstaan van een verdachte om te vragen naar zijn identiteitsbewijs.
- Aanhouden
- Het arresteren van een verdachte en het meenemen naar het politiebureau voor verhoor.
- Dwangmiddelen
- Bevoegdheden van de politie tijdens het opsporingsonderzoek, zoals fouilleren en inbeslagname van bewijsmateriaal.
- Seponeren
- Het besluit van de officier van justitie om een strafzaak niet verder te vervolgen.
- Transactie
- Een schikking waarbij een verdachte akkoord gaat met een geldboete of taakstraf om verdere vervolging te voorkomen.
- Strafbeschikking
- Een straf die het Openbaar Ministerie zelf oplegt bij lichte delicten waarbij de schuld vaststaat.
- Aangeleerd-gedragtheorie
- De theorie dat crimineel gedrag wordt overgenomen van anderen via intensief contact, zoals in het gezin of de vriendengroep.
- Bindingstheorie
- De theorie dat de meeste mensen zich netjes gedragen om hun bindingen met familie, vrienden en collega's niet op het spel te zetten.
- Zelfcontroletheorie
- De theorie dat mensen met weinig zelfbeheersing, bepaald in de vroege jeugd, eerder geneigd zijn misdrijven te plegen.
- Sociobiologische theorie
- De verklaring dat crimineel gedrag voortkomt uit een wisselwerking tussen genetische factoren en omgevingsfactoren.
- Anomietheorie
- De theorie dat mensen crimineel gedrag vertonen als zij er niet in slagen hun levensdoelen via de legale weg te bereiken.
- Rationele-keuzetheorie
- De theorie dat iemand een strafbaar feit pleegt na een rationele afweging van de voordelen en de nadelen.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–