1. Hoe welvarend ben jij?
Publiek
Woorden in deze lijst (27)
Origineel
- Primaire behoeften
- De noodzakelijke levensbehoeften zoals voeding, kleding en woonruimte.
- Prioriteiten stellen
- Je kiest voor jezelf welke behoeften jij het belangrijkst vindt en welke minder.
- Schaars
- Iets is schaars als er middelen nodig zijn om ze te maken.
- Secundaire behoeften
- Alle overige behoeften die je leven beter of prettiger maken.
- Vrije goederen
- Goederen waarover je zomaar kunt beschikken, zoals lucht, zonlicht en regenwater.
- Welvaart
- De mate waarin je in je behoeften kunt voorzien.
- Zelfvoorziening
- Je voorziet in je behoeften door goederen voor eigen gebruik zelf te maken.
- Commerciële reclame
- Reclame om meer producten te verkopen en daar geld aan te verdienen.
- Doelgroep
- Een groep consumenten voor wie een product of boodschap bedoeld is.
- Ideële reclame
- Reclame om mensen te laten nadenken over maatschappelijke thema's.
- Informatieve reclame
- Reclame om informatie te geven over de eigenschappen en prijs van een product.
- Marketing
- Alles wat bedrijven doen om hun product te verkopen.
- Marketingmix
- De marketinginstrumenten: product, prijs, plaats, promotie, personen en presentatiebeleid; ook wel de 6 P's genoemd.
- Merkreclame
- Reclame om een merknaam bekender te maken.
- Begroting
- Een overzicht van je verwachte inkomsten en uitgaven voor de komende periode.
- Budgetteren
- Je inkomsten en uitgaven op elkaar afstemmen.
- Dagelijkse uitgaven
- Huishoudelijke uitgaven, zoals in de supermarkt, voor persoonlijke verzorging, cadeautjes en uitgaan.
- Incidentele uitgaven
- Uitgaven die je niet zo vaak doet, zoals voor vakantie of huishoudelijke apparaten.
- Nibud
- Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting. Het Nibud geeft voorlichting over hoe je je inkomsten en uitgaven het best op elkaar kunt afstemmen.
- Reserveren
- Je zet geld opzij om later een bepaalde grote uitgave te kunnen betalen.
- Soorten inkomens
- inkomen uit arbeid: loon of salaris; inkomen uit bezit: huuropbrengst, rente op spaargeld; overdrachtsinkomen: uitkeringen, zak- of kleedgeld.
- Vaste lasten
- De uitgaven die je met een vaste regelmaat moet betalen, zoals huur of abonnementen.
- CBS
- Centraal Bureau voor de Statistiek. Het CBS verzamelt allerlei informatie, onder andere over economische veranderingen.
- Deflatie
- Een algemene daling van prijzen.
- Indexcijfer
- Een getal dat een procentuele verandering laat zien ten opzichte van een afgesproken periode, het basisjaar.
- Inflatie
- Een algemene stijging van prijzen.
- Koopkracht
- De hoeveelheid goederen en diensten die je met je inkomen kunt kopen.