Leerdoelen
•Je kunt uitleggen wat er met de oppervlakte gebeurt na een vergroting
Vergrotingsfactor
Stel, je hebt een origineel object en je rekent uit hoeveel groter een nieuw object is. Bijvoorbeeld, als iets oorspronkelijk 6 cm lang is en het wordt 12 cm, dan bereken je de vergrotingsfactor door de nieuwe lengte door de oude lengte te delen

Effect op de oppervlakte
Stel je voor: je hebt twee rechthoeken, waarvan de ene een vergrote versie is van de andere met een vergrotingsfactor van 2. Wat gebeurt er met de oppervlakte? Als je de lengtes van de zijden van de originele rechthoek vermenigvuldigt, krijg je de oppervlakte. Wanneer je dit doet voor de vergrote rechthoek, zie je dat de oppervlakte niet slechts 2 keer groter is, maar veel meer!
Dit komt doordat je zowel de lengte als de breedte vermenigvuldigt met de vergrotingsfactor. De formule wordt dan:
Als de vergrotingsfactor 2 is, is de nieuwe oppervlakte 4 keer zo groot, omdat
Algemene regel
Wanneer een object met factor
Deze regel geldt altijd, voor zowel grote getallen als kommagetallen. Wordt een object bijvoorbeeld 15 keer zo groot, dan wordt de oppervlakte 225 keer zo groot. Wordt een object 0,5 keer zo groot, dan wordt de oppervlakte een kwart van het origineel.
Praktijkvoorbeeld
Stel je voor dat je de lengte en breedte van je zwembad 1,5 keer zo groot wilt maken. Hoeveel meer ruimte heb je dan om te zwemmen? Hier komt onze regel van pas. Met een vergrotingsfactor van 1,5, gebruik je




