Vraag 7
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
4 punten
Open vraag

Sovon deed niet alleen onderzoek naar het aantal veldleeuweriken in Nederland, maar ving ook regelmatig jonge veldleeuweriken om ze te meten en te wegen. In figuur 3 is van 265 gevangen jonge veldleeuweriken het gewicht uitgezet tegen de zogeheten tarsuslengte{ }^{1 \text { 1), }}, dat is de lengte van het onderbeen.

figuur 3
figuur 3

In figuur 3 is ook een kromme weergegeven die het verband tussen het gewicht en de tarsuslengte benadert. Deze kromme kan worden beschreven met de formule:

G=\frac{22}{1+1420 \cdot 2,72^{-0,307 \cdot T}}+9

Hierin isGhet gewicht in grammen enTde tarsuslengte in millimeters.

Het gewicht van een jonge veldleeuwerik heeft een grenswaarde.

Beredeneer aan de hand van de formule voorG, dus zonder gebruik te maken van getallenvoorbeelden, hoe groot deze grenswaarde is.

Op deze pagina behandelen we vraag 7 van het centraal examen wiskunde C vwo 2024 – tijdvak 1. Deze vraag is onderdeel van Veldleeuweriken, en is 4 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden