De beweging van een punt$Pwordt beschreven door de volgende bewegingsvergelijkingen:
\left\{\begin{array}{l} x(t)=\cos (2 t)-\sin (2 t) \\ y(t)=\sin (2 t)-\sin (t) \end{array}\text { met } 0 \leq t \leq 2 \pi\right.

De beweging van een punt$Pwordt beschreven door de volgende bewegingsvergelijkingen:
\left\{\begin{array}{l} x(t)=\cos (2 t)-\sin (2 t) \\ y(t)=\sin (2 t)-\sin (t) \end{array}\text { met } 0 \leq t \leq 2 \pi\right.
Op de tijdstippent=0t=tent=\pit=tfiguur 2 bevindt P zich in hetzelfde punt.
Dit punt is met een stip aangegeven in figuur 2.
Ook zijn de snelheidsvector van P op tijdstip t=0t=ten de snelheidsvector van P op tijdstip t=\pit=taangegeven.

Bereken algebraïsch de hoek in graden tussen deze twee snelheidsvectoren. Geef je eindantwoord in één decimaal.
Op deze pagina behandelen we vraag 3 van het centraal examen wiskunde B vwo 2019 – tijdvak 2. Deze vraag is onderdeel van Bewegend punt, en is 6 punten waard.
Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.
Daarnaast kun je: