Het puntA(-3{,}\,3)A(-3{,}3)A(-3{,}3)$A(-3{,}3)ligt op lijn$lmet vergelijking$y=-xen het puntB(3{,}\,3)B(3{,}3)B(3{,}3)$B(3{,}3)ligt op lijn$kmet vergelijking$y=x. Door de punten$Aen$Bgaat een halve cirkel met diameter$A Ben middelpunt$M. Voor vierkant$O P Q Rgeldt:
•$Rligt op$len$Pligt op$k.
•Zijde$P Qraakt de halve cirkel in het punt$K.
Zie de figuur. Deze figuur staat ook op de uitwerkbijlage.

