Vraag 3
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
4 punten
Open vraag

Als je een computerbestand opslaat, dan komt zo'n bestand bijvoorbeeld op een harde schijf (harddisk) terecht. De opslagcapaciteit van een harde schijf is het aantal GB (gigabyte) dat op die schijf kan worden opgeslagen.

Op basis van de opslagcapaciteit van een harde schijf en de prijs van de schijf kun je berekenen wat de prijs per GB is.

Deze prijs per GB is in de afgelopen jaren enorm gedaald. In de figuur is deze prijsdaling te zien. Op de verticale as is\log (p)uitgezet. Hierin ispde prijs per GB in dollars.

figuur
figuur

In het jaar 2004 was het heel gebruikelijk om te werken met een harde schijf van250GB. In 2013 waren harde schijven van2TB (terabyte) gebruikelijk. Er geldt:1 \mathrm{~TB}=1000 \mathrm{~GB}.

Met deze gegevens kun je berekenen hoeveel procent goedkoper een harde schijf van2TB uit 2013 was dan een harde schijf van250GB uit 2004.

Bereken dit percentage. Geef je eindantwoord als geheel getal.

Op deze pagina behandelen we vraag 3 van het centraal examen wiskunde B havo 2021 – tijdvak 3. Deze vraag is onderdeel van Transistors en opslagcapaciteit, en is 4 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden