Vraag 11
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
3 punten
Open vraag

Bij dit spel gaan de kinderen van een team één voor één het springtouw binnen. Het eerste kind maakt dan één sprong. Zodra het eerste kind één sprong gemaakt heeft, komt het tweede kind het springtouw binnen en samen maken ze twee sprongen.

Na deze twee sprongen komt het derde kind het springtouw binnen en met z'n drieën maken ze vier sprongen.

Tot slot komt het vierde kind binnen en met z'n vieren springen ze dan zes keer.

Direct na deze laatste sprongen verlaat het eerste kind het springtouw weer en kind 2,3 en 4 volgen hem steeds met tussenpozen van drie sprongen. In totaal wordt er zo dus 22 keer gesprongen.

Op de uitwerkbijlage zie je een gedeeltelijk ingevuld schema bij dit spel.

Vul het schema op de uitwerkbijlage verder in en onderzoek hiermee welk kind de meeste sprongen maakt.

Op deze pagina behandelen we vraag 11 van het centraal examen wiskunde A vwo 2022 tijdvak 3. Deze vraag is onderdeel van Touwtjespringen, en is 3 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden