Vraag 14
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
4 punten
Open vraag

Het totaal aantal kaarten in een kaartenhuis van$nlagen noemen weT(n).Een directe formule hiervoor isT(n)=\frac{3}{2}n^2+\frac{1}{2}n.

Omdat$T(n)de somrij is van$K(n)moet gelden:T(n)-T(n-1)=K(n).

Toon met behulp van de formules van$K(n)en$T(n)aan dat inderdaad geldt dat$T(n)-T(n-1)=K(n).

Op deze pagina behandelen we vraag 14 van het centraal examen wiskunde A vwo 2021 tijdvak 2. Deze vraag is onderdeel van Kaartenhuis, en is 4 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden