Vraag 15
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
3 punten
Open vraag

In figuur 2 is voor de vier zwaarste gewichtsklassen de verdeling van de verhouding$Vmet boxplots weergegeven. Met een zwarte stip is voor elke gewichtsklasse de waarde van de verhouding$Vvoor de kampioen aangegeven.

figuur 2
figuur 2

Op basis van figuur 2 worden drie uitspraken gedaan:

\begin{itemize} \item[I] De kampioen in elk van de vier gewichtsklassen behoort tot de 25% vechters met de hoogste waarde van$Vin die gewichtsklasse.

\item[] II De meerderheid van de vechters in elk van de vier gewichtsklassen heeft een verhouding$Vmet een waarde groter dan 1,025.

\item[] III Op basis van de vuistregels op het formuleblad is het verschil tussen elk tweetal gewichtsklassen gering, als we kijken naar de verdeling van de verhouding$V.

\item[15] Leg van elke uitspraak uit of deze juist is.

\end{itemize}

Op deze pagina behandelen we vraag 15 van het centraal examen wiskunde A havo 2026 tijdvak 2. Deze vraag is onderdeel van Spanwijdte en lichaamslengte, en is 3 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden