Leerdoelen
•Je kunt uitleggen wat een telwoord is.
•Je kent de verschillende categorieën telwoorden.
•Je kunt de verschillende categorieën telwoorden herkennen en benoemen.
Wat is een telwoord?
Telwoorden geven het aantal of een (rang)nummer van iets aan. Het heeft te maken met een hoeveelheid of de volgorde van zaken.
Soorten telwoorden
Er zijn vier soorten telwoorden, die verdeeld zijn in twee hoofdcategorieën: hoofdtelwoorden en rangtelwoorden. Elk van deze hoofdcategorieën heeft weer twee subcategorieën: bepaald en onbepaald.
Hoofdtelwoorden
Hoofdtelwoorden geven een aantal aan.
•Bepaalde hoofdtelwoorden geven een specifiek aantal aan.
Voorbeelden: zeven, tweeduizend, eenentwintig, vierentwintig, beide (altijd twee), een kwart.
•Onbepaalde hoofdtelwoorden geven een onbepaald aantal aan. Voorbeelden: veel, enkele, verscheidene, alle.
Rangtelwoorden
Rangtelwoorden geven een plaats in een volgorde aan.
•Bepaalde rangtelwoorden geven een specifieke plek in een rij aan.
Voorbeelden: zevende, vierentwintigste.
•Onbepaalde rangtelwoorden geven een onbepaalde plek in een rij aan. Voorbeelden: laatste, middelste, hoeveelste (in een vraagzin).
Speciale woordsoort: breuken
•Breuken in cijfers
Als je breuken in cijfers uitschrijft, zoals 1/4 (een kwart), zijn het bepaalde hoofdtelwoorden.
•Breuken uitgeschreven in woorden
Als je breuken met letters uitschrijft, zoals één vierde, bestaat de breuk uit twee onderdelen:
1.Een bepaald hoofdtelwoord: één.
2.Een bepaald rangtelwoord: vierde.
Conclusie
In deze les heb je geleerd wat telwoorden zijn, welke verschillende categorieën er bestaan en hoe je deze kunt herkennen en benoemen. Je weet nu ook wat er speciaal is aan de woordsoort van breuken: ze kunnen zowel in cijfers als in letters geschreven worden waarbij de woordsoort kan variëren.




