Tekstfragment 1
(1) Genderneutraal taalgebruik schiet zijn doel voorbij als er alleen mannelijke voornaamwoorden in voorkomen: denk aan 'hij' en 'zijn'. Met zulk taalgebruik bedoelen we zowel vrouwen als mannen, zoals in 'ledereen poetst zijn tanden'. Maar lezers zien bij zo'n zin op papier niet vanzelfsprekend ook vrouwen voor zich; ook niet wanneer die wel worden bedoeld.
(2) Dat stelt psycholinguïst Theresa Redl van de Radboud Universiteit en het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek in Nijmegen. Redl onderzocht of lezers die een tekst krijgen voorgelegd zoals: 'Wat kost een student? En wat levert hij op?' snappen dat die genderneutraal moet worden opgevat.
(3) Ingrid van Alphen is aan de Universiteit van Amsterdam taalkundige op het gebied van gendervraagstukken. Zij is niet betrokken bij het onderzoek: "Redl is de eerste die de interpretatie van Nederlandse mannelijke voornaamwoorden onderzocht. Zij bewijst dat 'hij' en 'zijn' niet als neutraal, maar bovenal als mannelijk worden opgevat. Dat is een belangrijk wetenschappelijk inzicht.
(4) Redl: "Door mannelijk taalgebruik als vanzelfsprekend te beschouwen, sluit je iedereen uit, behalve mannen." De oplossing, zegt Redl, is waar mogelijk neutrale meervouden te gebruiken. Dus niet: 'ieder heeft recht op zijn eigen mening', maar: 'mensen hebben recht op hun eigen mening'.
naar: Mieke Zijlmans
uit: de Volkskrant, 12 januari 2021
