In alinea 10 noemt Ilona de Hooge de verschillende fases waarin voedselverspilling tegengegaan kan worden. In de uitwerkbijlage staat een tabel met die voorbeelden en fases.
$\rightarrowKruis per genoemd voorbeeld aan bij welke fase dit het best past.
Noteer je antwoorden in de tabel in de uitwerkbijlage. Let op: zet bij elk voorbeeld één kruisje.

