Les over 1 Lezen

Les over 1 Lezen

Gemaakt door Ainstein
1 Lezen
Deze video bestaat uit
  • Het onderwerp en de hoofdgedachte van een tekstHet onderwerp en de hoofdgedachte van een tekst
  • De tekststructuurDe tekststructuur
  • TekstdoelenTekstdoelen
Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 13:07
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Presenter poster
Onderwerpen in deze video
Meer informatie

Tekst lezen en begrijpen: hoe doe je dat veel sneller?

Leerdoelen

Je kunt uitleggen wat het onderwerp van een tekst is en hoe je dit snel kunt vinden.

Je kunt de functie van alinea's en tussenkopjes in een tekst beschrijven.

Je kunt de leesstrategie zoekend lezen toepassen om snel specifieke informatie op te zoeken.

Je kunt de drie vaste onderdelen van een tekstopbouw benoemen en hun functie uitleggen.

Je kunt verschillende tekstdoelen en bijbehorende tekstsoorten herkennen.

Je kunt de rol en functies van afbeeldingen bij een tekst uitleggen.

Het onderwerp van een tekst

Elke tekst gaat ergens over. Dat noem je het onderwerp van een tekst. Je kunt het onderwerp meestal in één of een paar woorden omschrijven, zoals "Duiken" of "Formule 1-races". Het onderwerp is nooit een hele zin en bevat geen persoonsvorm. Om het onderwerp snel te vinden, hoef je meestal niet de hele tekst te lezen. Je kunt de tekst verkennen door te kijken naar de titel, de tussenkopjes en de afbeeldingen, en door de eerste alinea (de inleiding) te lezen.

Alinea's en tekstopbouw

Een tekst is bijna altijd verdeeld in alinea's. Een nieuwe alinea begint steeds op een nieuwe regel. De belangrijkste informatie van een alinea staat meestal in de allereerste zin. Dit noemen we de kernzin. Soms staat er boven een alinea een tussenkopje. Zo'n kopje geeft snel aan over welk deelonderwerp (een specifiek deel van het hoofdonderwerp) die alinea gaat. De meeste teksten hebben een vaste tekstopbouw die bestaat uit drie delen:

De inleiding: Dit is het eerste deel van de tekst en bestaat meestal uit één alinea. Hierin maak je kennis met het onderwerp van de tekst, vaak door middel van een leuk voorbeeld of een grappig verhaaltje.

Het middenstuk: Dit is het grootste gedeelte van de tekst. Hierin staat de meeste informatie verdeeld over verschillende alinea's.

Het slot: Dit is de allerlaatste alinea van de tekst. Hierin wordt de belangrijkste informatie uit de tekst kort herhaald of samengevat.

Zoekend lezen

Als je niet de hele tekst wilt lezen, maar alleen snel iets wilt opzoeken, gebruik je de leesstrategie zoekend lezen. Om snel de juiste informatie te vinden, lees je niet regel voor regel, maar laat je je ogen over de tekst glijden. Je let hierbij op:

De tussenkopjes die boven de alinea's staan.

De anders gedrukte woorden, zoals dikgedrukte of schuingedrukte woorden.

Opvallende tekens en symbolen, zoals een euroteken (€), afkortingen (zoals km), getallen of tijden.

Het doel van een tekst

Elke schrijver heeft een bepaald tekstdoel voor ogen: dat is wat de schrijver met de tekst wil bereiken bij de lezer. Om dit doel te bereiken, kiest de schrijver een passende tekstsoort. De belangrijkste doelen en tekstsoorten zijn:

Informatie geven: De schrijver wilt dat je iets te weten komt. Dit zie je bijvoorbeeld bij een nieuwsbericht of een folder.

Iets leren of uitleggen: De schrijver wil je nieuwe kennis bijbrengen. Dit gebeurt in een studietekst of een studieboek.

Iets laten doen: De schrijver wil je activeren om actie te ondernemen. Dit is het doel van een reclametekst of een uitnodiging.

Mening geven: De schrijver wil vertellen wat hij ergens van vindt of je overtuigen van zijn standpunt. Dit vind je bijvoorbeeld in een bespreking van een app of film.

Amuseren: De schrijver wil je vermaken of raken. Dit zie je bij een strip of een spannend verhaal.

Tekst en afbeeldingen

Bij een tekst staan vaak een of meerdere afbeeldingen. Afbeeldingen hebben verschillende functies. Ze kunnen ervoor zorgen dat je sneller begrijpt waar de tekst over gaat. Soms is een afbeelding alleen bedoeld als versiering om de tekst er leuker uit te laten zien. In andere gevallen geeft een afbeelding juist belangrijke extra informatie die niet of minder uitgebreid in de tekst zelf staat.