Les over Taalverzorging - Voltooid deelwoord

Les over Taalverzorging - Voltooid deelwoord

Gemaakt door Ainstein
Taalverzorging - Voltooid deelwoord
Deze video bestaat uit
  • Werkwoordspelling overige werkwoordsvormenWerkwoordspelling overige werkwoordsvormen
Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 03:00
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Presenter poster
Onderwerpen in deze video
Meer informatie

Wat is een voltooid deelwoord en hoe schrijf je het?

Leerdoelen

Je kunt uitleggen wat een voltooid deelwoord is en hoe je dit herkent in een zin.

Je kunt de persoonsvorm en het voltooid deelwoord in een zin van elkaar onderscheiden.

Je kunt de verlengproef toepassen om te bepalen of een voltooid deelwoord op een -d of -t eindigt.

Je kunt een voltooid deelwoord dat op een -n eindigt correct spellen.

Wat is een voltooid deelwoord?

In een zin kunnen meerdere werkwoorden staan. Naast de persoonsvorm kom je regelmatig een voltooid deelwoord tegen. Een voltooid deelwoord geeft aan dat een handeling is afgerond. Als er een voltooid deelwoord in de zin staat, is de persoonsvorm meestal een vorm van de hulpwerkwoorden zijn, hebben of worden. Bekijk de volgende voorbeelden:

Mike en Luuk waren op het dak geklommen. (persoonsvorm: waren, voltooid deelwoord: geklommen)

Sara heeft een filmpje gemaakt. (persoonsvorm: heeft, voltooid deelwoord: gemaakt)

De kantine wordtopgeruimd. (persoonsvorm: wordt, voltooid deelwoord: opgeruimd)

Hoe schrijf je het voltooid deelwoord?

De spelling van het voltooid deelwoord hangt af van de klank waarop het woord eindigt. Er zijn twee belangrijke regels om te onthouden:

1. Eindigt het voltooid deelwoord op een -d of -t?

Als het voltooid deelwoord eindigt op een /t/-klank of /d/-klank, gebruik je de verlengproef om te bepalen welke letter je schrijft. Je maakt het woord in gedachten langer:

Hoor je een /t/-klank bij het langer maken? Dan schrijf je een -t. Bijvoorbeeld: Het heeft 7 euro gekost. Je hoort gekoste, dus je schrijft gekost.

Hoor je een /d/-klank bij het langer maken? Dan schrijf je een -d. Bijvoorbeeld: De bal is gegooid. Je hoort gegooide, dus je schrijft gegooid.

2. Eindigt het voltooid deelwoord op een -n?

Als een voltooid deelwoord eindigt op een -n, schrijf je het woord zo kort mogelijk. Dit komt vaak voor bij sterke werkwoorden. Voorbeelden hiervan zijn:

geklommen

gegeten

uitgevonden

gezien

gegaan