Les over Schrijven - Teksten schrijven voor een werkstuk

Les over Schrijven - Teksten schrijven voor een werkstuk

Gemaakt door Ainstein
Schrijven - Teksten schrijven voor een werkstuk
Deze video bestaat uit
  • OB - Nederlands - F2 - PresentatieOB - Nederlands - F2 - Presentatie
  • SchrijftipsSchrijftips
Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 03:15
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Presenter poster
Onderwerpen in deze video
Meer informatie

Hoe schrijf je een goede tekst voor je eigen werkstuk?

Leerdoelen

Je kunt uitleggen hoe je informatie uit bronnen verzamelt voor een werkstuk.

Je kunt de stappen beschrijven om een tekst in je eigen woorden te schrijven.

Je kunt het belang van het markeren van hoofdzaken uitleggen.

Informatie verzamelen voor een werkstuk

Op school maak je af en toe een werkstuk, een grotere schriftelijke opdracht over een bepaald onderwerp. Een werkstuk is opgebouwd uit verschillende hoofdstukken. In elk hoofdstuk geef je informatie over een specifiek deelonderwerp, wat een kleiner, afgebakend onderdeel van het hoofdonderwerp is. De informatie die je nodig hebt, vind je in verschillende bronnen. Dit zijn plekken waar betrouwbare informatie vandaan komt, zoals boeken, kranten of websites op het internet. Het is hierbij streng verboden om deze teksten letterlijk te overschrijven. Overschrijven is het direct kopiëren van andermans werk, wat niet is toegestaan. In plaats daarvan moet je de gevonden informatie altijd in je eigen woorden opschrijven. Dit betekent dat je de informatie zelf opnieuw formuleert, zodat de tekst uniek is en past bij jouw eigen manier van praten en schrijven.

Stappenplan: een tekst schrijven

Als je een tekst gaat schrijven voor je werkstuk, kun je dit het beste systematisch aanpakken met de volgende stappen:

1.Markeer de belangrijkste informatie: door te markeren geef je met een kleur of streep aan welke zinnen of woorden belangrijk zijn. Richt je hierbij uitsluitend op de hoofdzaken. Dit zijn de belangrijkste punten en de kern van de tekst, terwijl je de minder belangrijke details weglaat.

2.Schrijf de gemarkeerde informatie op in je eigen woorden. Let hierbij op de volgende drie richtlijnen:

Zoek altijd eerst de betekenis op van moeilijke of onbekende woorden, zodat je de bron echt goed begrijpt.

Vervang ingewikkelde woorden of woorden die je zelf nooit gebruikt door makkelijkere woorden.

Schrijf duidelijke en actieve zinnen die niet te lang zijn.