Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
Lise Meitner (1878-1968, zie figuur 1) werd in totaal 48 maal genomineerd voor een Nobelprijs, maar kreeg de prijs nooit.
Rond 1910 deed Meitner onderzoek naar de eigenschappen van$\beta^{-}-straling. Ze gebruikte hierbij preparaten met thorium.
Het bestaan van isotopen was in die tijd nog niet bekend. Nu weten we dat het preparaat niet alleen het instabiele Thorium-232 bevatte, maar ook alle vervalproducten van Thorium-232 (ook wel de vervalreeks genoemd). Deze vervalreeks eindigt bij het stabiele isotoop Pb-208.
figuur 1
In de vervalreeks van Th-232 zitten meerdere$\beta^{-}-stralers. Meitner was vooral geïnteresseerd in twee specifieke$\beta^{-}-stralers. Omdat Meitner nog niet in staat was om de afzonderlijke isotopen in het preparaat te identificeren, noemde ze deze$\beta^{-}-stralers 'Th-A' en 'Th-B'. Zie figuur 2, de isotoop 'X' is een onbekende$\alpha-straler.
figuur 2
2 punten
Open vraag
Met haar magnetische spectrometer deed Meitner onderzoek aan de twee$\beta^{-}-stralers Th-A en Th-B. In figuur 6 is het meetresultaat van haar onderzoek, de fotogevoelige plaat, weergegeven. De linkerkant van de plaat bevond zich in de opstelling het dichtst bij de spleet (II in figuur 5).
figuur 6
Voor de straal van de cirkelbaan die een bètadeeltje aflegt in de spectrometer geldt:
r=\frac{p}{B q}\left(1\right)
Hierin is:
•$rde straal van de cirkelbaan
•pde impuls van het$\beta-deeltje
•$Bde sterkte van het magnetisch veld in de spectrometer
•$qde lading van het$\beta-deeltje
In eerdere onderzoeken werd via vergelijkbare experimenten het gedrag van$\alpha-deeltjes onderzocht. Hierbij produceerde elke$\alpha-straler een dunne scherpe lijn. Meitner was daarom erg verrast toen ze geen scherpe lijnen waarnam, maar brede verkleurde gebieden (zie figuur 6). Dit leek direct in te gaan tegen de wet van behoud van energie, want Meitner ging ervan uit dat er tijdens bètaverval een vaste hoeveelheid energie vrijkwam voor het$\beta^{-}-deeltje.
Het duurde nog vele jaren voordat deze baanbrekende waarnemingen van Meitner verklaard konden worden. Bij$\beta^{-}-verval ontstaat naast het$\beta^{-}-deeltje namelijk nog een tweede deeltje, het neutrino.
Neutrino's krijgen tijdens bètaverval niet allemaal dezelfde hoeveelheid energie mee.
Leg uit hoe dit volgt uit de meetresultaten van figuur 6.
Beoordeling
voorbeeld van een antwoord:
De brede banden in de meetresultaten wijzen er op dat de bètadeeltjes van een$\beta^{-}-straler niet allemaal dezelfde hoeveelheid energie hebben. Omdat de totale energie die vrijkomt tijdens$\beta^{-}-verval constant is en de bètadeeltjes niet allemaal dezelfde energie meekrijgen, volgt hieruit dat ook de andere deeltjes niet dezelfde hoeveelheid energie meekrijgen.
Op deze pagina behandelen we vraag 15 van het centraal examen natuurkunde vwo 2024 – tijdvak 2. Deze vraag is onderdeel van Lise Meitner, en is 2 punten waard.
Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.
Daarnaast kun je:
Oude antwoorden terugzien
Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden