Oefen examens van de afgelopen 5 jaar met extra uitleg door docenten bij examenvragen
Extra uitleg en oefenen voor elk onderwerp uit je examen
Stel vragen en krijg direct antwoord
Bestand aan het laden...
Tijdens een marathon wordt een afstand van42\operatorname{km}42k4242ken195\operatorname{m}195\operatorname{mm}195m195in een zo kort mogelijke tijd gerend. In 2014 werd het wereldrecord gelopen inuur,minuten enseconden. In figuur 1 staat het (vereenvoudigde) (s,t)-diagram dat hoort bij dit wereldrecord.
figuur 1
2 punten
Open vraag
In het nieuwe schema kon nog geen rekening gehouden worden met de wind. Met tegenwind loopt een atleet langzamer, met wind mee loopt hij harder. De race werd gelopen op een deel van het autoracecircuit van Monza. Dit deel van het circuit heeft twee lange rechte stukken I en II.
Tijdens de recordpoging was er wind. Zie figuur 3.
figuur 3
Met deze wind loopt een atleet$0{,}3 \mathrm{~m} \mathrm{~s}^{-1}langzamer dan hij zou lopen zonder wind op het rechte stuk I en$0{,}3 \mathrm{~m} \mathrm{~s}^{-1}sneller dan hij zou lopen zonder wind op het rechte stuk II.
Anke beweert: "Een constante wind heeft geen invloed op de looptijd van een hele ronde.
Bert beweert: "Door de wind wordt de looptijd voor een hele ronde langer."
Beredeneer wie er gelijk heeft: Anke of Bert.
Beoordeling
voorbeeld van een antwoord:
Beide rechte stukken zijn even lang. De lagere snelheid tegen de wind in moet dus langer worden volgehouden dan de hogere snelheid met wind mee. De gemiddelde snelheid is dus niet het gemiddelde van de twee snelheden, maar deze valt lager uit. De looptijd voor een hele ronde wordt daarmee langer, Bert heeft gelijk.
Op deze pagina behandelen we vraag 22 van het centraal examen natuurkunde havo 2022 – tijdvak 3. Deze vraag is onderdeel van Marathon onder de twee uur, en is 2 punten waard.
Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.
Daarnaast kun je:
Oude antwoorden terugzien
Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden