In het bos zijn in de zomer vaak cicaden te vinden. Zie figuur 1 en 2.
Figuur 2 is hier op ware grootte.


De mannetjes van deze insectensoort produceren een hard geluid om vrouwtjes te zoeken.

In het bos zijn in de zomer vaak cicaden te vinden. Zie figuur 1 en 2.
Figuur 2 is hier op ware grootte.


De mannetjes van deze insectensoort produceren een hard geluid om vrouwtjes te zoeken.
De mannetjescicaden maken dit geluid om vrouwtjes te vinden. Een vrouwtje reageert door geluid te maken met haar vleugels. In het bos kunnen bomen het geluid blokkeren als de golflengte van het geluid korter is dan de breedte van een boom. Bij een langere golflengte buigt het geluid om de boom heen en is het ook achter de boom te horen. De temperatuur in het bos is$30^{\circ} \mathrm{C}.
Bepaal de maximale frequentie van het geluid van het vrouwtje dat ook achter de boom uit figuur 1 te horen is. Schat daartoe eerst de dikte van die boom met behulp van figuur 1 en 2 .
Op deze pagina behandelen we vraag 30 van het centraal examen natuurkunde havo 2021 – tijdvak 1. Deze vraag is onderdeel van Cicaden, en is 3 punten waard.
Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.
Daarnaast kun je: