Misschien wordt in de toekomst wel ijzer gebruikt als brandstof voor de auto. Bij een tankstation zou dan het volgende kunnen gebeuren: een bestuurder steekt cassettes met roestpoeder in de pomp, die vervolgens nieuwe cassettes met ijzerpoeder teruggeeft. De bestuurder steekt deze cassettes in zijn auto en kan weer honderden kilometers rijden. Het tanken bestaat dus uit het verwisselen van cassettes.
Het ijzerpoeder wordt in de auto (ruimte I) omgezet tot roest. Door de energie die daarbij vrijkomt, wordt de motor aangedreven. Roest die is afgegeven bij het tankstation, kan vervolgens met waterstof weer worden omgezet tot ijzer (ruimte II). Het gevormde ijzer kan dan weer als brandstof gebruikt worden. Deze ijzerkringloop is schematisch en vereenvoudigd weergeven in figuur 1. Hierin zijn twee namen vervangen door stof X en stof Y.

