Vraag 29
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
2 punten
Open vraag

In onderstaande tabel staan gegevens van een aantal sportdranken:

sportdrank
koolhydraten$\mathbf{( g / 1 0 0 ~ m L )}
natrium$\mathbf{( m g / 1 0 0 ~ m L )}
AA Drink
16{,}5
0
Aquarius
6{,}3
22
Extran
15{,}1
13
Isostar
6{,}8
70

Lieke en Aiko vinden op het internet een recept voor het maken van een sportdrank. Daar staat het volgende:

Vul een fles(1~\text{L})voor de helft met appelsap.

Vul de rest van de fles met water.

Voeg een half theelepeltje keukenzout toe.

Lieke gaat1\text{ liter}sportdrank maken. Uit de verpakking van de appelsap blijkt dat een halve liter appelsap50{,}0\text{ mg}natrium bevat. Lieke wil weten hoeveel gram zout ze nog moet toevoegen om een drank met hetzelfde natriumgehalte te krijgen als dat van Isostar. Ze berekent dat het aantal gram natrium dat ze nog nodig heeft met2{,}54vermenigvuldigd moet worden om het benodigde aantal gram keukenzout te berekenen.

Bereken hoeveel gram keukenzout Lieke moet toevoegen aan1\text{ liter}zelfgemaakte sportdrank, om een natriumgehalte van70\text{ mg per }100\text{ mL}te krijgen.

Op deze pagina behandelen we vraag 29 van het centraal examen nask2 vmbo-gt 2021 tijdvak 3. Deze vraag is onderdeel van Sportdrank, en is 2 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden