Welke functie heeft een batterij in een stroomkring?
Leerdoelen
•Je kunt uitleggen wat een stroomkring is.
•Je kunt de drie belangrijkste onderdelen van een stroomkring benoemen.
•Je kunt uitleggen wanneer stroom wel of niet beweegt in een stroomkring.
Wat is een stroomkring?
Een stroomkring is een gesloten pad waar elektriciteit doorheen kan bewegen. Vaak worden versimpelde tekeningen met symbolen gebruikt om een stroomkring weer te geven. Zo zie je snel wat er gebeurt zonder alle details te tekenen.
De onderdelen van een stroomkring
In een stroomkring zitten verschillende onderdelen die allemaal een belangrijke taak hebben. De drie belangrijkste onderdelen die je minimaal nodig hebt, zijn:
•De spanningsbron levert de stroom, zoals een batterij. Het symbool bestaat uit een lang streepje (de pluspool) en een kort streepje (de minpool).
•De draden verbinden alle onderdelen met elkaar en vormen de weg waar de stroom doorheen reist. Het symbool voor een stuk draad is een doorgetrokken lijn.
•De stroomgebruikers gebruiken de stroom om te werken, zoals een lampje. Het symbool voor een lampje is een rondje met een kruis erin.

Wat is stroom?
Stroom is bewegende elektrische lading. Stroom bestaat uit een groot aantal kleine deeltjes die samen bewegen. Deze deeltjes zijn de elektronen. Elektronen hebben een min-lading (negatieve lading) en nemen deze lading mee terwijl ze bewegen.
De elektronen bewegen in een stroomkring van de minkant naar de pluskant van de spanningsbron. Let op: de stroomrichting is per afspraak van plus naar min, dus precies andersom dan de bewegingsrichting van de elektronen.
De schakelaar
Een ander belangrijk onderdeel in veel stroomkringen is de schakelaar. Een schakelaar werkt als een soort ophaalbrug in de stroomkring waarmee je de stroomkring kunt openen of sluiten. De schakelaar bepaalt of de lading kan bewegen en er dus stroom loopt. Een open schakelaar heeft als symbool een lijn die omhoog staat tussen twee punten. Een gesloten schakelaar is een doorgetrokken lijn die de twee punten verbindt.
Gesloten stroomkring
Als de schakelaar 'dicht' is, is het bruggetje gesloten. De elektronen kunnen van min naar plus bewegen en de stroom kan van plus naar min bewegen. Er loopt stroom door de kring en bijvoorbeeld het lampje gaat branden.
Open stroomkring
Als de schakelaar 'open' is, is het bruggetje open en is de stroomkring onderbroken. De lading kan daardoor niet bewegen, er loopt geen stroom en het lampje blijft uit.

De lichtschakelaar als voorbeeld
In de muren van je huis loopt een enorme stroomkring. Als je op de lichtschakelaar drukt, sluit je de stroomkring. De brug gaat dicht, de stroom gaat lopen en je lamp gaat aan. Druk je nog een keer, dan open je de stroomkring. De brug gaat open, de stroom stopt en het licht gaat uit.













