Leerdoelen
•Je kunt uitleggen wat geluid is.
•Je kunt uitleggen wat transversale en longitudinale golven zijn.
•Je kunt de begrippen bron, tussenstof en ontvanger uitleggen en benoemen in een situatie.
•Je kunt bepalen wat je moet doen om geluidshinder tegen te gaan.
Wat is geluid?
Geluid is een trilling van deeltjes. Dat betekent dat hele kleine deeltjes, die we meestal niet zien, heen en weer bewegen. Ze gaan op en neer, of van links naar rechts, en geven die beweging aan elkaar door. Deze beweging verspreidt zich als een soort golf.
Hoe beweegt geluid zich voort?
Om geluid te horen, zijn er altijd drie dingen nodig: een bron, een tussenstof en een ontvanger. Zonder een van deze onderdelen is er geen geluid te horen.
De bron
De bron is waar het geluid vandaan komt. Dit is het object dat begint met trillen en de deeltjes om zich heen in beweging zet.
•Als je praat, ben jij de bron, want je stembanden trillen en laten de lucht om je heen bewegen.
•Een speaker is een bron, want die trilt om muziek te maken.
De tussenstof
De tussenstof bestaat uit de deeltjes die het geluid doorgeven.
•Meestal is de tussenstof lucht, maar het kan ook water zijn (denk aan dolfijnen die onder water communiceren) of zelfs vaste stoffen zoals bakstenen (als je op een muur klopt, hoor je het aan de andere kant).
•In een spannende ruimtefilm hoor je vaak grote explosies in de ruimte. Maar natuurkundig gezien klopt dat niet. In de ruimte is er geen lucht, dus er zijn geen deeltjes om geluid door te geven. Een ruimteschip kan wel ontploffen, maar je hoort dan helemaal niets.
De ontvanger
De ontvanger is wat het geluid opvangt. De trillende deeltjes komen uiteindelijk bij de ontvanger aan en zetten daar ook weer iets in beweging.
•Jouw oor is een ontvanger: de trillende luchtdeeltjes laten je trommelvlies meetrillen. Die trillingen worden doorgegeven aan je hersenen, waardoor je het geluid hoort.
•De microfoon van een camera is ook een ontvanger, die de trillingen omzet in een elektrisch signaal.
Twee soorten golven
De manier waarop de deeltjes trillen en het geluid doorgeven, kan op twee manieren:
De transversale golf
Bij een transversale golf bewegen de deeltjes op en neer, loodrecht op de richting waarin de golf zich verspreidt.
•Denk aan een 'wave' in een voetbalstadion: de mensen gaan op hun eigen plek omhoog en omlaag, terwijl de golf zich door het stadion verplaatst.
•Als je een touw op en neer beweegt, zie je ook een transversale golf ontstaan.

De longitudinale golf
Bij een longitudinale golf bewegen de deeltjes heen en weer in dezelfde richting als de golf zich verspreidt. Dit is de manier waarop geluid zich meestal voortplant.
•De deeltjes bewegen van links naar rechts, of van voor naar achter.
•Doordat de deeltjes niet allemaal tegelijk bewegen, ontstaan er plekken waar veel deeltjes dicht bij elkaar zitten (hoge druk) en plekken waar weinig deeltjes ver uit elkaar liggen (lage druk). Deze afwisseling van plekken met hoge en lage druk noemen we drukverschillen.
•Je kunt dit vergelijken met een file op de snelweg: op sommige plekken zitten de auto's (deeltjes) heel dicht op elkaar, en op andere plekken is er veel ruimte tussen de auto's.

Geluidshinder voorkomen
Geluidshinder kun je op drie manieren tegengaan.
Bij de bron
Je kunt iets veranderen aan de bron zelf, zodat deze minder geluid maakt.
•Zachter zetten: Een muziekbox kun je zachter zetten.
•Ander materiaal: Auto's op de snelweg maken veel lawaai. Door speciaal, stiller asfalt te gebruiken, wordt de trilling van de auto's verminderd en is er minder geluidshinder.
Tussen de bron en de ontvanger
Je kunt iets plaatsen tussen de bron en de ontvanger.
•Geluidsisolatie: Mensen die muziek of films opnemen, gebruiken vaak speciale platen van schuimrubber. Deze platen absorberen het geluid, waardoor het niet verder kaatst en zich niet verspreidt.
•Geluidschermen: Langs drukke snelwegen zie je vaak grote betonnen of glazen schermen. Deze schermen houden het geluid tegen en laten het niet verder doordringen naar de huizen erachter.
Bij de ontvanger
Je kunt ook iets doen bij degene die last heeft van het geluid, de ontvanger.
•Oordoppen: Op een festival of feestje kun je oordoppen indoen om gehoorschade en geluidshinder te voorkomen.
•Koptelefoon: Een geluiddempende koptelefoon kan ook helpen om omgevingsgeluid te verminderen.














