In welk onderdeel van het verslag zet jij neer wat jij denkt dat het antwoord op de onderzoeksvraag is?
De natuurwetenschappelijke methode
De natuurwetenschappelijke methode is de manier waarop we heel nauwkeurig en secuur proefjes uitvoeren. We doen dit zodanig dat als jij een interessant onderzoek gedaan hebt, iemand anders jouw proefje ook kan nagaan en controleren. Dat is belangrijk, aangezien een gedeelte van wetenschap draait om dingen opnieuw doen en controleren, om zeker te weten dat ze kloppen!
Hierbij volgen we een specifieke volgorde, een soort recept, om je onderzoek herhaalbaar te maken. Dit begint met een onderzoeksvraag, gevolgd door een hypothese, lijst van benodigdheden, een werkwijze, meetresultaten en uiteindelijk een conclusie. In sommige gevallen, kan het ook relevant zijn om een discussie toe te voegen.

Veilig waarnemen
Bij Natuurscheikunde, doen we meestal praktijk experimenten en het is essentieel dat dit op een veilige manier gebeurt. We doen dat door bepaalde regels te volgen. We dragen bijvoorbeeld een labjas en een veiligheidsbril om onze huid en ogen te beschermen tegen potentieel gevaarlijke stoffen. Daarnaast moeten we ervoor zorgen dat ons haar vastzit zodat het niet in de weg zit of verbrand raakt bij een experiment met open vuur.
Onze tassen moeten netjes aan de kant liggen om ongelukken te voorkomen. Het is ook belangrijk, wanneer we iets moeten ruiken, dat we dit niet direct boven de fles doen, maar met onze hand een beetje geur naar ons toe wuiven. Natuurlijk is een andere belangrijke regel dat we nooit iets proeven of stoffen met elkaar mengen zonder dat dit wordt gevraagd.
Meeteenheden
Met Natuurscheikunde zal je te maken krijgen met een heleboel verschillende soorten meet eenheden. Een aantal voorbeelden die je vast al kent zijn kilometer per uur (voor snelheid) en kilogram (voor gewicht). We passen deze units toe om specifieke aspecten van onze experimenten te meten en te beschrijven!
Indicatoren
Als laatste zul je ook werken met wat we in de Natuurscheikunde indicatoren noemen. Een indicator is een stof die een andere stof kan aantonen. Een paar voorbeelden van indicatoren zijn joodoplossing, dat zetmeel aantoont, of kalkwater, dat koolstofdioxide aantoont











