Wat zijn de drie hoofdstraffen in Nederland?
Leerdoelen
•Je kunt de strafuitsluitingsgronden benoemen en toelichten.
•Je kunt de soorten straffen benoemen en toelichten.
•Je kunt de functies van straffen benoemen en toelichten.
Strafuitsluitingsgronden
De rechter moet bij het uitspreken van het vonnis nagaan of de verdachte ook daadwerkelijk strafbaar is en schuldig. De strafuitsluitingsgronden bestaan uit twee categorieën: rechtvaardigingsgronden en schulduitsluitingsgronden.
Rechtvaardigingsgronden
Bij rechtvaardigingsgronden ben je niet strafbaar en dus automatisch ook niet schuldig. Voorbeelden hiervan zijn:
1.Noodweer: zelfverdediging waarbij het gebruikte geweld in verhouding is met wat jou is aangedaan.
2.Overmacht-noodtoestand: plicht om iemand te helpen in nood.
3.Ambtelijk bevel: iets doen in opdracht van een ambtenaar, zoals de politie.
Schulduitsluitingsgronden
Bij schulduitsluitingsgronden ben je wel strafbaar, maar krijg je een mindere straf omdat hetgeen dat je hebt gedaan niet of niet volledig jouw schuld is. Voorbeelden hiervan zijn:
1.Noodweer-excess: buitenproportioneel geweld in een noodsituatie
2.Ontoerekeningsvatbaarheid: de verdachte door een psychische of geestelijke aandoening (deels) niet verantwoordelijk wordt gesteld.
3.Psychische overmacht: door een situatie in een psychisch buitengewone toestand raken.
4.Afwezigheid van schuld: onbewust strafbaar handelen.
Soorten straffen
De rechter kan kiezen uit hoofdstraffen, bijkomende straffen of een strafrechtelijke maatregel.
Hoofdstraffen
1.Vrijheidsstraf (gevangenisstraf)
2.Taakstraf
3.Geldboete
Bijkomende straffen
Bijkomende straffen hebben vaak direct verband met het gepleegde delict, zoals een gebiedsverbod, intrekken van het rijbewijs of beroepsverbod.
Strafrechtelijke maatregel
Bij een strafrechtelijke maatregel moet je de schade van jouw actie herstellen of de samenleving tegen jou beschermen, zoals TBS of het betalen van een schadevergoeding. Straffen kunnen onvoorwaardelijk en voorwaardelijk worden opgelegd. Een onvoorwaardelijke straf moet sowieso uitgevoerd worden. Bij een voorwaardelijke straf moet je je een bepaalde periode aan voorwaarden houden. Als je je niet aan de voorwaarden houdt moet de straf alsnog uitgevoerd worden.
Functies van straffen
1.Wraak en vergelding: het straffen van de dader voor het begane strafbare feit, gebaseerd op het principe van "oog om oog, tand om tand."
2.Afschrikking: het voorkomen van herhaling van het strafbare gedrag door de dader (en anderen) uit angst voor de straf.
3.Voorkomen van eigenrichting: voorkomen dat burgers voor eigen rechter gaan spelen.
4.Resocialisatie: het bevorderen van de re-integratie van de dader in de samenleving na het uitzitten van de straf.
5.Beveiliging van de samenleving: als iemand een groot gevaar vormt, moet de samenleving hiertegen worden beschermd.














