Hieronder staan vier uitspraken over de kenmerken en taken van de regering. De koning is zelf verantwoordelijk voor al zijn uitspraken.
2.De regering voert overheidsbeleid uit.
3.De regering bestaat uit de ministers en de staatssecretarissen.
4.Een minister is verantwoordelijk voor de ambtenaren die op zijn ministerie werken.
→ Geef per uitspraak aan of die juist of onjuist is.
Doe het zo: neem het onderstaande over en vul juist of onjuist in.
1 = ...
2 = ...
$3=\ldots
4 = ...
