Vraag 3
Slaag gegarandeerd met ExamenBoost
  • Oefen examens van de afgelopen 5 jaar met extra uitleg door docenten bij examenvragen
  • Extra uitleg en oefenen voor elk onderwerp uit je examen
  • Stel vragen en krijg direct antwoord
2 punten
Open vraag

Uit het vervolg (t/m regel 7 vitant) blijkt dat er ook een overeenkomst is tussen Cicero en andere aanwezige redenaars.

b Beschrijf in eigen woorden deze overeenkomst.

Regel 2-4 qui t/m comparandus In deze opmerking vergelijkt Cicero zichzelf op drie punten met de andere aanwezige redenaars: aetate, ingenio, auctoritate.

\begin{itemize} \item[a] Op welk van deze drie punten kan de opmerking van Cicero beschouwd worden als valse bescheidenheid? Verklaar je antwoord.

\item[b] Noteer de namen van twee stilistische middelen die Cicero gebruikt in zijn opmerking qui t/m comparandus (regel 2-4). Laat alliteratie buiten beschouwing.

\end{itemize}

Op deze pagina behandelen we vraag 3 van het centraal examen Latijn vwo 2021 tijdvak 3. Deze vraag is onderdeel van Tekst 1, en is 2 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden