Regel 6-14 Erant t/m superavit Met de onderstaande vijf woorden duidt Cicero twee verschillende personen aan:
alterum (het eerste alterum in regel 7); alteri (regel 10); alter (regel 11); se (regel 12); tiro (regel 13).

Regel 6-14 Erant t/m superavit Met de onderstaande vijf woorden duidt Cicero twee verschillende personen aan:
alterum (het eerste alterum in regel 7); alteri (regel 10); alter (regel 11); se (regel 12); tiro (regel 13).
Noteer van deze vijf woorden de woorden waarmee T. Roscius Magnus aangeduid wordt.
Op deze pagina behandelen we vraag 3 van het centraal examen Latijn vwo 2021 – tijdvak 2. Deze vraag is onderdeel van Tekst 1, en is 2 punten waard.
Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.
Daarnaast kun je: